Artikel 282 Burgelijke Rechtsvordering

Lid 1

Iedere belanghebbende kan tot de aanvang van de behandeling of, indien de rechter dit toestaat, in de loop van de behandeling een verweerschrift indienen. Artikel 278 is van overeenkomstige toepassing met dien verstande dat, indien de rechter dit bepaalt, indiening van een verweerschrift in de loop van de behandeling kan geschieden ter terechtzitting onder verstrekking van een afschrift aan de verzoeker en de andere opgeroepen belanghebbenden.

Lid 2

Het verweerschrift en de overgelegde bescheiden gaan vergezeld van de nodige afschriften. Tenzij de indiening overeenkomstig het eerste lid ter terechtzitting plaatsvindt, zendt de griffier onverwijld een afschrift toe aan de verzoeker en aan de andere opgeroepen belanghebbenden.

Lid 3

De griffier roept, voor zover dat nog niet is geschied, hen die verweerschriften hebben ingediend op tegen de dag van de behandeling.

Lid 4

Het verweerschrift mag een zelfstandig verzoek bevatten, mits dit betrekking heeft op het onderwerp van het oorspronkelijke verzoek. De rechter kan aan de verzoeker en aan de overige belanghebbenden gelegenheid geven tegen dit zelfstandige verzoek een verweerschrift in te dienen.

Dit artikel verwijst naar:

Recente uitspraken

Art. 282 Rv is sinds 2021 in 2 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hoge Raad en Gemeenschappelijk Hof van Justitie van A.

  • ECLI:NL:HR:2024:189220-12-2024 Hoge Raad
    Personen- en familierecht. Benoeming van bewindvoerder en mentor. Oproeping van alle kinderen als belanghebbenden. Wettelijke voorkeur voor persoon van bewindvoerder en mentor. Art. 1:435 lid 4 BW en art. 1:452 lid 4 BW.
  • ECLI:NL:OGHACMB:2021:24329-06-2021 Gemeenschappelijk Hof van Justitie van A
    uitbetaling van pensioenfonds

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.