Artikel 475d Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering

Lid 1

Voor de vaststelling van de beslagvrije voet wordt gebruik gemaakt van het belastbaar inkomen van de schuldenaar en, indien de schuldenaar gehuwd is, de echtgenoot. De hoogte van het belastbaar inkomen wordt berekend op basis van het meest recente maandinkomen zoals dat blijkt uit de polisadministratie, tenzij dit maandinkomen geen reële afspiegeling vormt van het belastbaar inkomen omdat het maandinkomen fluctueert of er sprake is van een incidentele betaling. Of het meest recente maandinkomen een reële afspiegeling van het belastbaar inkomen vormt, wordt beoordeeld aan de hand van in de polisadministratie opgenomen gegevens over de vier meest recente maanden gerekend vanaf het moment van verstrekking, bedoeld in artikel 475ga, eerste lid. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over de wijze waarop in het geval dat het meest recente maandinkomen geen reële afspiegeling van het belastbaar inkomen vormt, het belastbaar inkomen wordt berekend.

Lid 2

De vaststelling van de beslagvrije voet geldt voor de duur van twaalf maanden. Bij algemene maatregel van bestuur kan voor bepaalde categorieën periodieke betalingen een kortere termijn worden bepaald.

Lid 3

De deurwaarder of, in geval van samenloop van beslagen als bedoeld in artikel 478 de coördinerende deurwaarder, stelt de beslagvrije voet opnieuw vast, indien:

  1. de termijn, bedoeld in het tweede lid, verstrijkt;

  2. hij met redenen omkleed wordt geïnformeerd over een structurele wijziging van omstandigheden die van belang is voor de vaststelling van de beslagvrije voet.

Lid 4

De deurwaarder of, in geval van samenloop van beslagen als bedoeld in artikel 478 de coördinerende deurwaarder, is bevoegd de beslagvrije voet opnieuw vast te stellen indien hij op andere wijze dan bedoeld in het derde lid, onderdeel b, bekend raakt met feiten of omstandigheden die van invloed kunnen zijn op de hoogte van de beslagvrije voet.

Lid 5

Indien toepassing van het derde of vierde lid leidt tot een verhoging van de beslagvrije voet, past de deurwaarder of, in geval van samenloop van beslagen als bedoeld in artikel 478 de coördinerende deurwaarder, deze verhoging onverwijld toe vanaf het moment dat de verplichting tot het opnieuw vaststellen van de beslagvrije voet is ontstaan, onderscheidenlijk vanaf het moment dat hij bekend is geraakt met de feiten of omstandigheden die van invloed zijn op de hoogte van de beslagvrije voet.

Lid 6

De beslagvrije voet wordt vastgesteld op basis van maandbedragen.

Lid 7

Het tweede en derde lid zijn niet van toepassing bij opgave van de beslagvrije voet op de wijze, bedoeld in artikel 475dc, tweede lid.

Wordt genoemd in:

Recente uitspraken

Art. 475d Rv is sinds 1999 in 115 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door CRvB, Hoge Raad en Hof Amsterdam.

  • ECLI:NL:HR:2024:1553 — 25-10-2024 Hoge Raad
    Onderbewindstelling. Art. 1:441 BW. WSNP. Behoort het tot taak van beschermingsbewindvoerder om namens rechthebbende toelating tot schuldsaneringsregeling te verzoeken?
  • ECLI:NL:HR:2020:746 — 17-04-2020 Hoge Raad
    WSNP. Vaststelling vrij te laten bedrag (art. 295 Fw), beslagvrije voet (art. 475d lid 4 (oud) Rv). Is de rechter-commissaris bevoegd niet met de daadwerkelijk te betalen zorgverzekeringspremies rekening te houden, maar met een lager bedrag? Mag de rechter-commissaris in hoger…
  • ECLI:NL:HR:2019:738 — 17-05-2019 Hoge Raad
    Overheidsprivaatrecht. Besluitaansprakelijkheid. Causaal verband tussen onrechtmatige besluiten en tussentijdse beëindiging toepassing schuldsanering? Gebondenheid aan overwegingen bestuursrechter. HR 20 maart 2015, ECLI:NL:HR:2015:661, en HR 24 april 2015, ECLI:NL:HR:2015:1128.
  • ECLI:NL:HR:2015:3631 — 18-12-2015 Hoge Raad
    WSNP. Verzoek toepassing schuldsaneringsregeling ten onrechte afgewezen vanwege alimentatieverplichting; art. 288 lid 1, onder c, Fw. HR 14 november 2008, ECLI:NL:HR:2008:BD7589, NJ 2009/52.
  • ECLI:NL:HR:2014:3068 — 31-10-2014 Hoge Raad
    Cassatie in het belang der wet; vervolg op HR 6 juni 2014, ECLI:NL:HR:2014:1342, NJ 2014/300. Valt eens per jaar uitgekeerd vakantiegeld onder de beslagvrije voet? Art. 475b e.v. Rv. Strekking regeling beslagvrije voet, minimaal noodzakelijke bestaanskosten, berekening. Karakter…

Bekijk alle 115 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.