Artikel 476b Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering

Lid 1

De verklaring wordt op een bij algemene maatregel van bestuur vast te stellen wijze gericht tot de deurwaarder die het beslag heeft gelegd.

Lid 2

De verklaring gaat zo veel mogelijk vergezeld van afschrift van tot staving dienende bescheiden.

Lid 3

De deurwaarder die een verklaring heeft ontvangen, zendt binnen drie dagen afschrift daarvan aan de geëxecuteerde.

Recente uitspraken

Art. 476b Rv is sinds 2001 in 98 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Rotterdam, Rb. Amsterdam en Rb. Midden-Nederland.

  • ECLI:NL:HR:2006:AY7922 — 24-11-2006 Hoge Raad
    Procesrecht, derdenbeslag. Geschil tussen notaris en beslaglegger over de terugvordering door de notaris wegens onverschuldigde betaling van geldsom die hij in verband met een geschil tussen anderen op zijn derdenrekening in depot had gehouden en als derde-beslagene…
  • ECLI:NL:HR:2005:AS8833 — 13-09-2005 Hoge Raad
    Beklag van derde tegen onder hem gelegd conservatoir beslag ex art. 94a Sv. 1. De rb heeft met juistheid tot uitdrukking gebracht dat op een ex art. 94a Sv gelegd conservatoir beslag, waaronder een derdenbeslag, ingevolge art. 94c Sv de vierde Titel van het Derde Boek Rv van…
  • ECLI:NL:HR:2005:AS8830 — 13-09-2005 Hoge Raad
    Beklag van derde tegen onder haar gelegd conservatoir beslag ex art. 94a Sv. 1. De rb heeft met juistheid tot uitdrukking gebracht dat op een ex art. 94a Sv gelegd conservatoir beslag, waaronder een derdenbeslag, ingevolge art. 94c Sv de vierde Titel van het Derde Boek Rv van…
  • ECLI:NL:HR:2001:AD3953 — 30-11-2001 Hoge Raad
    -
  • ECLI:NL:OGHACMB:2023:305 — 16-06-2023 Gemeenschappelijk Hof van Justitie van A
    Verschuldigheidmakelaarscourtage. Opheffing derdenbeslag

Bekijk alle 98 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.