Artikel 676a Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Geen andere voorziening dan cassatie in het belang der wet staat open tegen beschikkingen ingevolge:
artikel 25, vierde lid, van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek;
artikel 143 lid 1, tweede zin, van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek;
artikel 147, tweede lid, van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek;
artikel 149, tweede lid, tweede zin, van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek;
artikel 150 lid 2, tweede zin, van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek;
artikel 157, vierde lid, van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek;
artikel 164, tweede lid, tweede zin, van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek;
artikel 173, derde zin, van van Boek 4 het Burgerlijk Wetboek, waarbij een machtiging als in die bepaling bedoeld wordt verleend;
artikel 185 lid 2 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek waarbij maatregelen als in die bepaling bedoeld worden voorgeschreven;
artikel 185, derde lid, van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek;
artikel 191, tweede lid, van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek, waarbij maatregelen als in die bepaling bedoeld worden voorgeschreven;
artikel 192, tweede lid, van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek;
artikel 196, tweede lid, van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek;
artikel 197, tweede lid, eerste zin, van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek;
artikel 201, tweede lid, van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek;
artikel 202, eerste lid, onder a, van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek;
artikel 206, vijfde lid, tweede zin, van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek;
artikel 211, vierde lid, van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek;
artikel 215, tweede lid, tweede zin, van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek;
artikel 218, eerste lid, tweede zin, van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek;
artikel 221, tweede lid, eerste zin, van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek;
artikel 223, eerste lid, tweede zin, van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek;
artikel 226, derde lid, van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek, waarbij een machtiging als in die bepaling bedoeld wordt verleend.
Recente uitspraken
Art. 676a Rv is sinds 2006 in 17 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof 's-Hertogenbosch, Hof Amsterdam en Rb. Rotterdam.
- ECLI:NL:GHAMS:2025:2826 — 21-10-2025 Hof Amsterdam
Erfgenaam verzoekt de executeur te verbieden de aan hem gelegateerde woning te verkopen. Hetgeen de erfgenaam uit de nalatenschap van erflater heeft verkregen is onder testamentair beschermingsbewind geplaatst. Op grond van artikel 4:153 BW is de erfgenaam dus onbevoegd om over… - ECLI:NL:GHDHA:2023:1790 — 05-09-2023 Hof Den Haag
VvE-recht, wijziging splitsingsakte, geen versterkte meerderheid van ten minste 80%, verzoek vervangende machtiging ex art. 5:140 lid 1 BW, vraag of toestemming zonder redelijke grond is geweigerd, belangenafweging, toestemmingsbesluit wegens strijd met splitsingsakte nietig ex… - ECLI:NL:GHSHE:2023:1886 — 08-06-2023 Hof 's-Hertogenbosch
Appellanten zijn niet-ontvankelijk in hun verzoek tot benoeming van een vereffenaar, omdat zij geen schuldeisers van de nalatenschap van erflater zijn en dus geen belanghebbende in de zin van artikel 4:203 lid 1 onder b BW. Alle beweerde vorderingen van appellanten spelen… - ECLI:NL:GHSHE:2022:3470 — 12-10-2022 Hof 's-Hertogenbosch
Hoger beroep wrakingsbeslissingen rechtbank en hoger beroep beschikking kantonrechter. Erfrecht. Rechtsmiddelenverbod. Doorbrekingsgronden. Niet-ontvankelijk hoger beroep. - ECLI:NL:GHSHE:2022:1488 — 12-05-2022 Hof 's-Hertogenbosch
art. 4:202 lid 1 onder a BW / rechtsmiddelenverbod in art. 676a onder q Rv / Om appellant te kunnen ontvangen in zijn hoger beroep dient hij een doorbrekingsgrond te stellen in het beroepschrift / een beroepschrift moet voldoen aan de vereisten zoals vermeld in artikel 359 jo.…
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.