Art. 4:215 Burgerlijk Wetboek Boek 4

Lid 1

De vereffenaar maakt de goederen der nalatenschap te gelde, voor zover dit voor de voldoening van de schulden der nalatenschap nodig is. Goederen die een schuldeiser der nalatenschap te vorderen heeft, worden zoveel mogelijk in de laatste plaats te gelde gemaakt.

Lid 2

Omtrent de keuze van de te gelde te maken goederen en de wijze van tegeldemaking treedt de vereffenaar zoveel mogelijk in overleg met de erfgenamen. Bestaat tegen de voorgenomen tegeldemaking van een goed bezwaar bij een erfgenaam of een schuldeiser die het goed te vorderen heeft dan stelt de vereffenaar hem in de gelegenheid de beslissing van de kantonrechter in te roepen.

Lid 3

Het in het vorige lid ten aanzien van de erfgenamen bepaalde geldt mede ten aanzien van hen aan wie het vruchtgebruik van de nalatenschap of van een aandeel daarin is vermaakt.

Lid 4

Artikel 68 van Boek 3 is op de vereffenaar van overeenkomstige toepassing.

Lid 5

Met betrekking tot door de erflater gesloten sommenverzekeringen zonder onherroepelijk geworden aanwijzing van een derde als begunstigde, is artikel 22a Faillissementswet van overeenkomstige toepassing, waarbij dient te worden gelezen voor:

  1. de curator: de vereffenaar

  2. de rechter-commissaris: de kantonrechter

  3. de verzekeringnemer: de erfgenamen dan wel, indien de nalatenschap is verdeeld overeenkomstig afdeling 1 van titel 3, de echtgenoot van de erflater.

Recente uitspraken

Art. 4:215 BW is sinds 2006 in 42 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof 's-Hertogenbosch, Rb. Zeeland-West-Brabant en Hof Amsterdam.

  • ECLI:NL:GHSHE:2025:1845 — 01-07-2025 Hof 's-Hertogenbosch
    vereffenaar wenst woning erflaatster te gelde te maken om schulden nalatenschap te voldoen. inwonende zoon erflaatster werkt daar niet aan mee. vordering in kort geding tot ontruiming woning toegewezen.
  • ECLI:NL:GHAMS:2023:1602 — 20-06-2023 Hof Amsterdam
    erfrecht; vereffenaar, geschil tussen erfgenamen onderling en vereffenaar over vordering nalatenschap op een derde; 4:215 BW; opheffing vereffening; matiging loon vereffenaar; overige vereffeningskosten;.
  • ECLI:NL:GHAMS:2022:3689 — 27-12-2022 Hof Amsterdam
    indicatie volgt t.z.t.
  • ECLI:NL:GHSHE:2022:3470 — 12-10-2022 Hof 's-Hertogenbosch
    Hoger beroep wrakingsbeslissingen rechtbank en hoger beroep beschikking kantonrechter. Erfrecht. Rechtsmiddelenverbod. Doorbrekingsgronden. Niet-ontvankelijk hoger beroep.
  • ECLI:NL:GHARL:2022:139 — 11-01-2022 Hof Arnhem-Leeuwarden
    De verwijten die de vereffenaar van de nalatenschap worden gemaakt zijn niet van dien aard dat zij resulteren in aansprakelijkheid in privé van de vereffenaar.

Bekijk alle 42 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.