Art. 4:212 Burgerlijk Wetboek Boek 4
Wanneer de wettelijke vertegenwoordiger van een erfgenaam of een door de rechter benoemde vereffenaar aan schuldeisers der nalatenschap schade heeft toegebracht, doordat hij opzettelijk goederen der nalatenschap aan het verhaal van de schuldeisers heeft onttrokken, kunnen zij van hem de voldoening van hun vordering eisen, voor zover hij niet bewijst dat hun schade op een lager bedrag moet worden gesteld.
Recente uitspraken
Art. 4:212 BW is sinds 2006 in 4 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Arnhem-Leeuwarden, Hof 's-Hertogenbosch en Rb. Almelo.
- ECLI:NL:GHARL:2024:2460 — 11-04-2024 Hof Arnhem-Leeuwarden
Erfrecht. Is de beschermingsbewindvoerder een ‘wettelijke vertegenwoordiger’ in de zin van artikel 4:193 BW en in hoeverre is sprake van samenloop met de bepalingen in Boek 1 BW over het meerderjarigenbewind? Het hof is voornemens prejudiciële vragen te stellen aan de Hoge Raad.. - ECLI:NL:GHSHE:2017:1109 — 21-03-2017 Hof 's-Hertogenbosch
Erfrecht. Kosten uitvaart door moeder overledene betaald. Vordert vergoeding daarvan door bijna gescheiden echtgenote die de nalatenschap heeft verworpen. - ECLI:NL:RBROT:2018:2585 — 28-03-2018 Rb. Rotterdam
Aansprakelijkheid vereffenaar van een nalatenschap. De vereffenaar heeft te veel salaris aan zichzelf uitgekeerd, eigen kosten ten laste van de nalatenschap gebracht en rente niet doorgestort op een bankrekening van de nalatenschap. - ECLI:NL:RBALM:2006:AY7494 — 23-08-2006 Rb. Almelo
Exceptio plurium litis consortium. Het niet opmaken van een boedelbeschrijving. Aansprakelijkheid minderjarigen op grond van artikel 4:184, lid 2 BW en aansprakelijkheid van wettelijke vertegenwoordiger op grond van artikel 4:212 BW.
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.