Artikel 106 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering

In zaken betreffende de toepassing van de wettelijke bepalingen inzake faillissement, surséance van betaling en schuldsaneringsregeling natuurlijke personen is mede bevoegd de rechtbank waaruit de rechter-commissaris is benoemd of, indien in geval van surséance geen rechter-commissaris is benoemd, de rechtbank die over het verzoek tot het verlenen van surséance heeft geoordeeld.

Recente uitspraken

Art. 106 Rv is sinds 2009 in 12 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Overijssel, Rb. Noord-Holland en Rb. Oost-Brabant.

  • ECLI:NL:RBOVE:2025:3581 — 28-05-2025 Rb. Overijssel
    Veroordeling van gedaagden tot betaling aan de curator van het tekort in het faillissement. De rechtbank legt aan de gedaagden een civielrechtelijk bestuursverbod op voor de duur van vijf jaren.
  • ECLI:NL:RBMNE:2025:1771 — 15-01-2025 Rb. Midden-Nederland
    Betreft een vordering op grond van kennelijk onbehoorlijk bestuur ex art. 2:248 lid 2 en/of lid 1 BW dan wel op grond van art. 6:162 BW jo. art. 2:9 BW. De curator heeft gedaagde aansprakelijk gesteld voor het tekort in het faillissement. Voorts vernietigt de curator…
  • ECLI:NL:RBNHO:2024:13226 — 18-12-2024 Rb. Noord-Holland
    incident strekkende tot niet-ontvankelijkheid vorderingen in reconventie - renvooiprocedure
  • ECLI:NL:RBOBR:2024:5757 — 04-12-2024 Rb. Oost-Brabant
    Geen bevoegdheid rechtbank ogv 106 Rv
  • ECLI:NL:RBOVE:2022:624 — 02-03-2022 Rb. Overijssel
    Bevoegdheidsincident. Het verzoek aan de rechtbank om zich onbevoegd te verklaren wordt afgewezen. Op grond van artikel 106 Rv is de rechtbank Overijssel, locatie Zwolle alternatief bevoegd in zaken betreffende de toepassing van de wettelijke bepalingen inzake faillissement. De…

Bekijk alle 12 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.