Artikel 407 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Lid 1
Het beroep in cassatie wordt ingesteld door een procesinleiding, die wordt getekend door een advocaat bij de Hoge Raad en wordt ingediend op de wijze bedoeld in artikel 397.
Lid 2
Op de procesinleiding is artikel 111, tweede lid, onderdelen a, c, en e, van overeenkomstige toepassing. Daarnaast vermeldt de procesinleiding:
de naam en in geval van een natuurlijke persoon tevens de voornamen van de eiser of de verzoeker, de woonplaats van eiser en de door hem gekozen woonplaats in Nederland, respectievelijk de woonplaats of, bij gebreke daarvan, het werkelijk verblijf van de verzoeker,
de naam en woonplaats van de verweerder bij de vordering, dan wel de bij de verzoeker bekende namen en woonplaats van belanghebbenden,
de dag waarop de verweerder ten laatste kan verschijnen, welke dag ten minste vier weken en uiterlijk zes maanden ligt na de dag van indiening van de procesinleiding,
de omschrijving van de middelen waarop het beroep in cassatie steunt.
Lid 3
De eiser is gehouden in de procesinleiding een advocaat bij de Hoge Raad aan te wijzen, die hem in het geding zal vertegenwoordigen, op straffe van nietigheid.
Lid 4
De eiser wordt geacht woonplaats te hebben gekozen bij die advocaat, tenzij de procesinleiding een andere gekozen woonplaats in Nederland uitdrukt.
Wordt genoemd in:
Recente uitspraken
Art. 407 Rv is sinds 1977 in 128 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hoge Raad, Rb. Limburg en Hof Den Haag.
- ECLI:NL:HR:2025:388 — 14-03-2025 Hoge Raad
Procesrecht. Sprongcassatie. Wet afwikkeling massaschade in collectieve actie (WAMCA). Ontvankelijkheidseisen. Is sprake van een collectieve vordering voor dezelfde gebeurtenis(sen) en over gelijksoortige feitelijke en rechtsvragen als bedoeld in art. 1018d lid 1 Rv? Geldt… - ECLI:NL:HR:2025:190 — 07-02-2025 Hoge Raad
Arbeidsrecht. Procesrecht. Bewijsrecht. Ontbinding arbeidsovereenkomst. Klokkenluidersrichtlijn. Art. 17eb Wet bescherming klokkenluiders. Bewijsvermoeden verband tussen melding en ontbindingsverzoek. Tegenbewijs. Richtlijnconforme uitleg. Borgersbrief niet door advocaat bij… - ECLI:NL:HR:2024:1307 — 27-09-2024 Hoge Raad
Niet-ontvankelijkheid in cassatie. Cassatieberoep niet tijdig ingesteld door indiening langs elektronische weg van een door een cassatieadvocaat ondertekende procesinleiding (art. 397 lid 1 Rv, art. 402 lid 1 Rv en art. 407 lid 1 Rv). Geen herstel verzuim binnen hersteltermijn. - ECLI:NL:HR:2024:1304 — 27-09-2024 Hoge Raad
Niet-ontvankelijkheid in cassatie. Cassatieberoep niet tijdig ingesteld door indiening langs elektronische weg van een door een cassatieadvocaat ondertekende procesinleiding (art. 397 lid 1 Rv, art. 402 lid 1 Rv en art. 407 Rv). Geen herstel verzuim binnen hersteltermijn. - ECLI:NL:HR:2023:892 — 09-06-2023 Hoge Raad
Cassatieprocesrecht. Art. 30c lid 1 Rv; art. 407 lid 3 Rv. Niet-ontvankelijkheid. Procesinleiding niet ingediend langs elektronische weg; geen advocaat bij Hoge Raad aangewezen. Terzijdelegging reactie op conclusie omdat reactie niet is ingediend door een advocaat.
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.