Artikel 418a Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Voor zover uit deze titel niet anders voortvloeit, zijn van de tweede titel de artikelen 117 tot en met 122, de zevende tot en met de negende afdeling, alsmede de elfde tot en met de dertiende afdeling van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat:
onder het exploot van dagvaarding in de artikelen 120 tot en met 122 en in artikel 230, tweede lid, wordt verstaan het exploot van betekening van het oproepingsbericht;
voor de toepassing van de elfde afdeling schorsing en hervatting van het geding enkel plaatsvinden door een daartoe strekkende akte. Na hervatting van het geding bepaalt de Hoge Raad de te verrichten proceshandeling en stelt hij partijen hiervan in kennis onder vermelding van de toepasselijke termijnen.
Recente uitspraken
Art. 418a Rv is sinds 2005 in 22 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hoge Raad.
- ECLI:NL:HR:2026:1558 — 25-09-2026 Hoge Raad
Procesrecht. Incident. Vordering tot verdeling nalatenschap; processueel ondeelbare rechtsverhouding (HR 10 maart 2017, ECLI:NL:HR:2017:411; HR 20 april 2018, ECLI:NL:HR:2018:649). Hoge Raad geeft eiser tot cassatie gelegenheid om niet opgeroepen persoon alsnog op te roepen als… - ECLI:NL:HR:2025:1888 — 12-12-2025 Hoge Raad
Incidentele vordering tot voeging in cassatie (art. 415 lid 1 Rv). Uiterste tijdstip waarop vordering tot voeging in cassatie kan worden ingesteld. Belang bij voeging in cassatie? - ECLI:NL:HR:2023:139 — 03-02-2023 Hoge Raad
Art. 81 lid 1 RO. Procesrecht. Arbitrage; vordering tot vernietiging arbitraal vonnis (art. 1065 lid 1 Rv (oud)). Begrip ‘investering’ in zin van BIT India-Mauritius; criterium ‘bijdrage aan economische ontwikkeling gastland’; begrip ‘essential interests’ in zin van art. 11 lid… - ECLI:NL:HR:2020:2101 — 18-12-2020 Hoge Raad
Procesrecht. Verstekverlening. Art. 45 en 121 Rv. Betekening exploot door deurwaarder, zonder vermelding in het exploot van de woonplaats van verweerster omdat zij 'geheim adres' heeft (art. 2.59 Wet basisregistratie personen). - ECLI:NL:HR:2020:1224 — 03-07-2020 Hoge Raad
Procesrecht. Ontvankelijkheid incidenteel cassatieberoep. Is het in art. 3.1.5.5 van het Procesreglement Hoge Raad genoemde moment een fatale termijn voor het instellen van incidenteel cassatieberoep? Eisen van een goede procesorde. Art. 418a Rv, art. 142 Rv, art. 410 lid 1 Rv.
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.