Artikel 820 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering

Lid 1

In afwijking van het bepaalde van artikel 358, tweede lid, kan een echtgenoot die in eerste aanleg niet in de procedure is verschenen, tegen een beschikking waarbij een verzoek tot echtscheiding, scheiding van tafel en bed of ontbinding van het huwelijk na scheiding van tafel en bed is toegewezen, hoger beroep instellen binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking aan hem in persoon dan wel binnen drie maanden nadat zij op andere wijze is betekend en overeenkomstig het tweede lid openlijk bekend is gemaakt.

Lid 2

De openlijke bekendmaking geschiedt door plaatsing van een uittreksel van de beschikking in de Staatscourant. Het uittreksel bevat de dagtekening van de beschikking en de aanduiding van de rechter die haar heeft gewezen, alsmede de naam, voornamen en woonplaats van ieder der echtgenoten.

Lid 3

Indien hoger beroep of beroep in cassatie is ingesteld tegen een beschikking als bedoeld in het eerste lid, moet de griffier van het gerecht waarbij dit beroep is ingesteld, terstond het gerecht dat de bestreden beschikking heeft gegeven, daarvan op de hoogte stellen.

Lid 4

Indien een echtgenoot slechts hoger beroep of beroep in cassatie heeft ingesteld tegen een beslissing omtrent nevenvoorzieningen, kan de andere echtgenoot na het verstrijken van de voor het instellen van het desbetreffende rechtsmiddel geldende termijn of na berusting geen beroep meer instellen tegen de uitspraak voorzover daarbij een verzoek tot echtscheiding, scheiding van tafel en bed of ontbinding van het huwelijk na scheiding van tafel en bed is toegewezen.

Lid 5

In hoger beroep en in cassatie zijn de artikelen 802, 803 en 817 van overeenkomstige toepassing.

Recente uitspraken

Art. 820 Rv is sinds 2004 in 485 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Amsterdam, Rb. Noord-Holland en Rb. Zeeland-West-Brabant.

  • ECLI:NL:HR:2018:2384 — 21-12-2018 Hoge Raad
    Art. 81 lid 1 RO. Familierecht. Internationale echtscheiding. IPR. Rechtsmacht Nederlandse rechter (Brussel II-bis)? Brengt bevoegdheid als echtscheidingsrechter ook bevoegdheid mee m.b.t. als nevenvordering gevorderde afgifte van renpaarden. Huwelijksvermogensrecht of…
  • ECLI:NL:GHARL:2026:1595 — 17-03-2026 Hof Arnhem-Leeuwarden
    Echtscheiding, beroepstermijn. Artikelen 815 e.v. Rv. Onderzoeksplicht deurwaarder, geen rechtsgeldige betekening. Man ontvankelijk in hoger beroep.
  • ECLI:NL:GHSHE:2024:2482 — 01-08-2024 Hof 's-Hertogenbosch
    Dit geschil gaat over de verdeling van de (ontbonden) huwelijksgemeenschap. In deze zaak heeft de vrouw geen bekende woon- of verblijfplaats binnen en buiten Nederland.
  • ECLI:NL:GHAMS:2024:2455 — 30-07-2024 Hof Amsterdam
    Partneralimentatie, verdeling.
  • ECLI:NL:GHAMS:2024:2146 — 30-07-2024 Hof Amsterdam
    Gevolgen van te vroege inschrijving van de echtscheidingsbeschikking.

Bekijk alle 485 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.