Artikel 1025 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Lid 1
Ingeval van een arbitraal beding is een zaak aanhangig op de dag van de ontvangst van een schriftelijke mededeling, waarbij een partij aan haar wederpartij bericht, tot arbitrage over te gaan. Die mededeling bevat een aanduiding van hetgeen de partij, die de zaak aanhangig maakt, aan arbitrage wenst te onderwerpen.
Lid 2
De partijen kunnen overeenkomen dat de zaak op een andere wijze aanhangig wordt gemaakt dan voorzien in dit artikel.
Recente uitspraken
Art. 1025 Rv is sinds 2012 in 8 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Rotterdam, Hof Amsterdam en Rb. Almelo.
- ECLI:NL:GHAMS:2018:2385 — 10-07-2018 Hof Amsterdam
Arbitragerecht. Vordering tot vernietiging van arbitraal vonnis gewezen onder het sinds 1 januari 2015 geldende arbitragerecht. Procedure bij het gerechtshof moet zoveel mogelijk worden gevoerd in overeenstemming met de bepalingen van toepassing op een dagvaardingsprocedure in… - ECLI:NL:RBROT:2024:8002 — 15-07-2024 Rb. Rotterdam
Benoeming arbiters. Verdeling tandartsmaatschap. Tussenuitspraak. - ECLI:NL:RBROT:2022:7159 — 24-08-2022 Rb. Rotterdam
Bevoegdheidsincident. Arbitragebeding. Beroep op arbitragebeding naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar. - ECLI:NL:RBOBR:2022:922 — 01-03-2022 Rb. Oost-Brabant
Verzoek tot benoeming arbiter toegewezen. Er is sprake van de situatie dat niet binnen een termijn van drie maanden na aanhangig zijn van de zaak een arbiter is aangewezen. De voorzieningenrechter acht zich dan ook, op grond van het bepaalde in artikel 1027, lid 3 Rv, bevoegd om… - ECLI:NL:RBROT:2022:418 — 24-01-2022 Rb. Rotterdam
Beschikking, Benoeming arbiter op grond van artikel 1027 lid 3 Rv.
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.