Artikel 1034 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Lid 1
Een als arbiter aangezochte persoon die het vermoeden heeft dat hij zou kunnen worden gewraakt, doet daarvan schriftelijk mededeling aan degene die hem heeft aangezocht, onder vermelding van de vermoedelijke redenen tot wraking.
Lid 2
Een tot arbiter benoemde persoon doet de in het eerste lid bedoelde mededeling aan de partijen zodra zijn benoeming heeft plaatsgevonden, tenzij zij deze mededeling reeds hebben ontvangen.
Lid 3
Een arbiter die hangende het arbitraal geding het vermoeden krijgt dat hij zou kunnen worden gewraakt, doet daarvan onder vermelding van de vermoedelijke redenen tot wraking schriftelijk mededeling aan de partijen en, indien het scheidsgerecht uit meer arbiters bestaat, aan de mede-arbiters.
Recente uitspraken
Art. 1034 Rv is sinds 2010 in 8 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Amsterdam, Hof Den Haag en Hof 's-Hertogenbosch.
- ECLI:NL:GHDHA:2024:1618 — 24-09-2024 Hof Den Haag
Vorderingen tot vernietiging van arbitrale vonnissen wegens bedrog en gebrek aan motivering afgewezen. - ECLI:NL:GHSHE:2020:172 — 21-01-2020 Hof 's-Hertogenbosch
vordering tot vernietiging arbitraal vonnis, artt. 1065 lid 1 sub b, c, d Rv - ECLI:NL:GHAMS:2017:140 — 17-01-2017 Hof Amsterdam
Arbitraal vonnis is niet op één lijn te stellen met geheel ongemotiveerd vonnis. En is niet tot stand gekomen in strijd met openbare orde. Vordering tot vernietiging afgewezen. - ECLI:NL:RBZWB:2025:2583 — 22-04-2025 Rb. Zeeland-West-Brabant
Wraking arbiter. Arbiter richt met een van partijen in de arbitrage tijdens de arbitrage een vennootschap op. Voorzieningenrechter acht de wraking gegrond. - ECLI:NL:RBNHO:2015:4916 — 23-06-2015 Rb. Noord-Holland
Wrakingsverzoek arbiter afgewezen.
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.