Artikel 127 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering

Lid 1

Indien de in artikel 125, tweede lid, bedoelde indiening ter griffie van het exploot van dagvaarding niet tijdig heeft plaats gehad, is de gedaagde bevoegd, onder overlegging van het exploot van dagvaarding, de zaak op de rol te laten inschrijven.

Lid 2

Indien de gedaagde van zijn in het eerste lid bedoelde bevoegdheid gebruik maakt, is hij tevens bevoegd, te vorderen dat hij van de instantie wordt ontslagen met veroordeling van de eiser in de kosten. In dat geval biedt de rechter gedurende een door hem te bepalen termijn aan de eiser gelegenheid om hetzij op de voet van artikel 123, eerste lid, advocaat te stellen, hetzij bij akte te verklaren dat hij wenst voort te procederen. Indien de eiser van deze gelegenheid geen gebruik maakt, wordt de vordering toegewezen.

Lid 3

Indien de gedaagde een vroegere roldatum heeft aangezegd en het exploot van aanzegging niet tijdig ter griffie heeft ingediend, blijft de oorspronkelijke, in het exploot van dagvaarding vermelde roldatum gehandhaafd.

Recente uitspraken

Art. 127 Rv is sinds 2004 in 55 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Rotterdam, Hof 's-Hertogenbosch en Hof 's-Gravenhage.

  • ECLI:NL:HR:2022:1387 — 07-10-2022 Hoge Raad
    Procesrecht. Anticipatie. Ontslag van instantie. Doorbrekingsgrond. Art. 123 Rv. Art. 126 Rv. Art. 127 lid 2 Rv. Gelegenheid bieden tot herstel verzuim van appellant om advocaat te stellen. Aantekening op de rol voldoende?
  • ECLI:NL:OGHACMB:2022:287 — 20-09-2022 Gemeenschappelijk Hof van Justitie van A
    Aruba. Bouw van een drinkwaterinstallatie. Tussenvonnis.
  • ECLI:NL:OGHACMB:2022:278 — 25-01-2022 Gemeenschappelijk Hof van Justitie van A
    Curaçao. Noodregeling. Uitkeringsprocedure. Verhoging maintenance fee. Kostenvergoeding. Tussenvonnis.
  • ECLI:NL:GHSHE:2026:1581 — 09-06-2026 Hof 's-Hertogenbosch
    geen griffierecht betaald, artikel 127 lid 3 Rv
  • ECLI:NL:GHDHA:2026:199 — 24-02-2026 Hof Den Haag
    De zaak gaat over een conflict tussen de vermogende Moeder en haar Zoon. Het hof oordeelt dat de Zoon leningen moet terugbetalen. Ook moet de Zoon een deel van betalingen vanaf rekeningen van de Moeder, waartoe hij gemachtigd was, terugbetalen.

Bekijk alle 55 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.