Artikel 341 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering

Bij overlijden van de in het ongelijk gestelde partij gedurende de loop van de termijn voor het hoger beroep, kan het beroep door haar erfgenamen of rechtverkrijgenden nog worden ingesteld binnen drie maanden na het overlijden, of binnen een maand na afloop van de termijn, bedoeld in artikel 185 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek.

Recente uitspraken

Art. 341 Rv is sinds 2004 in 4 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Arnhem-Leeuwarden, Hof Den Haag en Hof Leeuwarden.

  • ECLI:NL:GHARL:2024:6525 — 22-10-2024 Hof Arnhem-Leeuwarden
    Zorgverzekeringswet. Omvang verzekerd pakket. De patiënte leed aan een naar de lever gemetastaseerde neuro-endocriene tumor. Zij heeft in het buitenland een Transarteriële chemo-embolisatie-behandeling (TACE-behandeling) ondergaan en vordert de kosten van de behandeling van haar…
  • ECLI:NL:GHSHE:2016:2696 — 05-07-2016 Hof 's-Hertogenbosch
    internationale koop van planten, Incoterms, uitleg overeenkomst, conditie “ex nursery”
  • ECLI:NL:GHDHA:2015:3586 — 18-12-2015 Hof Den Haag
    Internationale bevoegdheid Nederlandse rechter. Pluraliteit gedaagden. Voldoende samenhang (en doelmatigheid) in de zin van art. 7 lid 1 Rv. in samenhang met art. 6 sub 1 Brussel I-Verordening. Geldigheid appeldagvaarding bij kennelijke vergissing. Ontvankelijkheid…
  • ECLI:NL:GHLEE:2004:AQ6656 — 11-08-2004 Hof Leeuwarden
    Termijn voor instellen vordering overschreden.

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.