Artikel 806 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering

Lid 1

In afwijking van het bepaalde in het tweede lid van artikel 358 kan van een beschikking hoger beroep worden ingesteld:

  1. door de verzoeker en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;

  2. door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.

Lid 2

Op de procedure in hoger beroep zijn de artikelen 799 tot en met 805, eerste lid, van overeenkomstige toepassing.

Recente uitspraken

Art. 806 Rv is sinds 2006 in 156 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Amsterdam, Hof Arnhem-Leeuwarden en Hof 's-Hertogenbosch.

  • ECLI:NL:HR:2024:1667 — 15-11-2024 Hoge Raad
    Personen- en familierecht. Procesrecht. Verzoek raad voor de kinderbescherming tot ondertoezichtstelling en machtiging uithuisplaatsing. Oproeping ouder zonder gezag om als informant ter zitting te verschijnen. Afwijzing per e-mail van verzoek om als belanghebbende te worden…
  • ECLI:NL:HR:2024:1079 — 12-07-2024 Hoge Raad
    Cassatie in het belang der wet. Familieprocesrecht. Art. 798 lid 1 Rv. Is gecertificeerde instelling belanghebbende in zaak op de voet van art. 1:253n BW tot beëindiging van gezamenlijk gezag over onder toezicht gesteld kind?
  • ECLI:NL:HR:2024:570 — 12-04-2024 Hoge Raad
    Procesrecht. Hoger beroep. Indiening beroepschrift per Veilig Mailen. Bestand kan niet geopend worden. Verschoonbare termijnoverschrijding? Beroep op art. 4.3.8 Procesreglement verzoekschriftprocedures familiezaken gerechtshoven en art. 8 Besluit elektronisch procederen.…
  • ECLI:NL:HR:2020:321 — 21-02-2020 Hoge Raad
    Familierecht. Procesrecht. Omgang tussen minderjarige en vader. Kan de minderjarige in een door een ouder of andere belanghebbende ingesteld hoger beroep betreffende de omgangsregeling, op de voet van art. 1:377g BW (informele rechtsingang) zijn wensen over de omgang aan het hof…
  • ECLI:NL:HR:2018:488 — 30-03-2018 Hoge Raad
    Personen- en familierecht. Beëindiging ouderlijk gezag (art. 1:266 BW). Processuele positie van de niet met ouderlijk gezag beklede ouder. Begrip belanghebbende in art. 798 lid 1, eerste volzin, Rv. Begrip ‘ouder’ in art. 798 lid 1, tweede volzin, Rv. Recht op contra-expertise…

Bekijk alle 156 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.