Artikel 808 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering

Zaken betreffende minderjarigen die bij de rechtbank aanhangig worden gemaakt, uitgezonderd die welke het levensonderhoud van een minderjarige betreffen, worden behandeld door de kinderrechter. Indien deze de zaak naar de meervoudige kamer verwijst, neemt de kinderrechter aan de mondelinge behandeling deel.

Recente uitspraken

Art. 808 Rv is sinds 2013 in 6 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Midden-Nederland, Hof Amsterdam en Hof Den Haag.

  • ECLI:NL:GHAMS:2023:1449 — 27-06-2023 Hof Amsterdam
    Gezag, hoofdverblijfplaats en vervangende toestemming verhuizing: bekrachtiging bestreden beschikking.
  • ECLI:NL:GHDHA:2023:212 — 11-01-2023 Hof Den Haag
    Artikel 1:377a BW. Verzoek van de grootmoeder om een omgangsregeling vast te stellen tussen haar en de minderjarigen alsnog afgewezen. In een tussenbeschikking is een bijzondere curator benoemd. De minderjarigen willen geen contact. De grootmoeder voert niet langer verweer.
  • ECLI:NL:RBMNE:2024:4676 — 31-07-2024 Rb. Midden-Nederland
    Vervolg op beschikkingen van 15 en 25 juli 2024. De rechtbank is van oordeel dat zij wel een (spoed)beslissing kan nemen op grond van artikel 1:336a lid 2 BW zonder eerst de belanghebbenden te hebben gehoord. Raadsonderzoek voor drie van de vijf kinderen.
  • ECLI:NL:RBDHA:2023:1497 — 08-02-2023 Rb. Den Haag
    Voorlopige ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing
  • ECLI:NL:RBMNE:2022:5377 — 19-07-2022 Rb. Midden-Nederland
    Wrakingszaak. Deel van de gronden ziet op traject voor de zitting, waar de rechter geen bemoeienis mee heeft gehad. Andere gronden zien wel op handelen van de rechter, maar leveren geen (schijn van) vooringenomenheid op.

Bekijk alle 6 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.