Artikel 432 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Geen vonnis waarvan de voorlopige tenuitvoerlegging niet is toegestaan kan tegen een derde worden ten uitvoer gelegd, noch kan daaraan door die derde worden voldaan, dan acht dagen na betekening daarvan aan de partij die in het ongelijk is gesteld, en met overlegging van een verklaring van de griffier dat er op zijn registers geen verzet, hoger beroep of cassatie daartegen is aangetekend.
Recente uitspraken
Art. 432 Rv is sinds 1988 in 2 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hoge Raad en Gemeenschappelijk Hof van Justitie van A.
- ECLI:NL:HR:1988:AD0545 — 16-12-1988 Hoge Raad
Verklaringsprocedure die door het faillissement van de debiteur een einde heeft genomen. Invloed van hoger beroep en beroep in cassatie in de hoofdzaak op het verloop van de verklaringsprocedure. - ECLI:NL:OGHACMB:2023:310 — 13-09-2023 Gemeenschappelijk Hof van Justitie van A
hoofdelijke veroordeling
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.