Artikel 1011c Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
De kosten die voortvloeien uit de uitvoering van een rechterlijke beslissing tot teruggave van een roerende zaak ingevolge artikel 1011a, komen ten laste van de staat die de rechtsvordering heeft ingesteld. Indien de vordering is ingesteld door de rechthebbende op het cultuurgoed komen die kosten ten laste van die rechthebbende. Hetzelfde geldt voor de kosten, gemaakt voor het materiële behoud van het cultuurgoed en voor de kosten van eventuele voorlopige maatregelen, als bedoeld in artikel 1010.
Recente uitspraken
Art. 1011c Rv is sinds 2016 in 2 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Amsterdam en Rb. Amsterdam.
- ECLI:NL:GHAMS:2021:3201 — 26-10-2021 Hof Amsterdam
Uitspraak Krimschatten. Zie: ECLI:NL:GHAMS:2019:2427. - ECLI:NL:RBAMS:2016:8264 — 14-12-2016 Rb. Amsterdam
De rechtbank heeft bepaald dat het Allard Pierson Museum de in 2014 aldaar tentoongestelde stukken (de Krimschatten) moet afgeven aan de staat Oekraïne. De Krimschatten behoren voor de toepassing van het UNESCO-verdrag 1970 (en daarmee ook de Erfgoedwet die in artikel 6.1, onder…
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.