Artikel 1037 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Lid 1
De plaats van arbitrage wordt door de partijen bij overeenkomst bepaald en bij gebreke daarvan door het scheidsgerecht. Door de bepaling van de plaats van arbitrage is tevens de plaats van de uitspraak vastgesteld.
Lid 2
Indien de plaats van arbitrage noch door de partijen noch door het scheidsgerecht is bepaald, geldt de plaats van de uitspraak, door het scheidsgerecht in het vonnis vermeld, als plaats van arbitrage.
Lid 3
Het scheidsgerecht kan zitting houden, beraadslagen, getuigen en deskundigen horen op elke andere plaats, in of buiten Nederland, die het daartoe geschikt acht, tenzij de partijen anders zijn overeengekomen. Het scheidsgerecht is bevoegd om een van zijn leden aan te wijzen om de zitting als bedoeld in de vorige zin te houden, tenzij de partijen anders zijn overeengekomen.
Recente uitspraken
Art. 1037 Rv is sinds 2011 in 10 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Almelo, Hof Amsterdam en Hof Den Haag.
- ECLI:NL:GHDHA:2025:695 — 22-04-2025 Hof Den Haag
Vordering tot vernietiging van arbitraal vonnis. In Nederland gevoerde arbitrageprocedure op grond van een investeringsverdrag tussen het Koninkrijk Bahrein en Iran. Vernietiging op de grond dat een geldige overeenkomst tot arbitrage ontbreekt en/of dat het arbitraal vonnis in… - ECLI:NL:GHAMS:2023:310 — 07-02-2023 Hof Amsterdam
Verzoek vernietiging van arbitraal vonnis op de gronden (1) dat het arbitraal vonnis niet met redenen is omkleed (artikel 1065 lid 1 sub d Rv), dat het scheidsgerecht het geschil niet heeft beslecht in overeenstemming met de ICC-regels versie 2017 en (2) dat het arbitraal… - ECLI:NL:GHAMS:2018:2112 — 26-06-2018 Hof Amsterdam
Arbitragerecht. Vordering tot vernietiging van arbitraal vonnis wegens niet houden aan opdracht en schending beginsel van hoor en wederhoor door scheidsgerecht. Oud of nieuw arbitragerecht van toepassing? Arbitrageovereenkomst (compromis) is gesloten vóór 1 januari 2015, dus het… - ECLI:NL:GHAMS:2018:300 — 30-01-2018 Hof Amsterdam
Appel van ECLI:NL:RBAMS:2016:2793. IPR. Voor de onderhavige vordering tot verklaring voor recht dat ‘arbitraal vonnis’ non-existent is, gelden geen andere rechtsmachtregels dan voor een vordering tot vernietiging van zo’n vonnis. Evenals de eerste rechter oordeelde, heeft de… - ECLI:NL:RBZWB:2025:2583 — 22-04-2025 Rb. Zeeland-West-Brabant
Wraking arbiter. Arbiter richt met een van partijen in de arbitrage tijdens de arbitrage een vennootschap op. Voorzieningenrechter acht de wraking gegrond.
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.