Artikel 361 Burgelijke Rechtsvordering

Lid 1

De rechter bepaalt dag en uur waarop de behandeling aanvangt. Hij beveelt tevens oproeping van de appellant, van de verzoeker in eerste aanleg en van de in eerste aanleg in de procedure verschenen belanghebbenden. Bovendien kan hij te allen tijde belanghebbenden, bekende of onbekende, doen oproepen.

Lid 2

Indien aangaande dezelfde beschikking meer beroepschriften zijn ingediend, kan voeging worden bevolen.

Lid 3

Iedere belanghebbende kan een verweerschrift indienen. Door belanghebbenden die in hoger beroep zijn opgeroepen, moet het verweerschrift worden ingediend binnen vier weken na de toezending aan hen van een afschrift van het beroepschrift, tenzij de rechter anders bepaalt.

Lid 4

Indien een belanghebbende incidenteel hoger beroep heeft ingesteld, kunnen de appellant en de in hoger beroep opgeroepen belanghebbenden daartegen binnen vier weken na de toezending aan hen van een afschrift van het verweerschrift waarbij dit incidentele hoger beroep is ingesteld, een verweerschrift indienen, tenzij de rechter anders bepaalt.

Wordt genoemd in:

Recente uitspraken

Art. 361 Rv is sinds 2006 in 28 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hoge Raad, Hof Arnhem-Leeuwarden en Hof Den Haag.

  • ECLI:NL:HR:2026:1548 — 25-09-2026 Hoge Raad
    Procesrecht. Toestemming onderhandse verkoop (art. 3:268 lid 2 BW). Mededeling aan en oproeping van belanghebbenden (art. 548 lid 3 Rv). Doorbreking rechtsmiddelenverbod van art. 3:268 lid 3 BW wegens schending hoor en wederhoor? Oproeping in hoger beroep (art. 361 lid 1 Rv).
  • ECLI:NL:HR:2022:1758 — 25-11-2022 Hoge Raad
    Personen- en familierecht. Echtscheiding. Procesrecht. Verzoek van vrouw om vaststelling van ‘prestation compensatoire’ naar Frans recht. Had verweer van man bij mondelinge behandeling op grond van tweeconclusieregel buiten beschouwing moeten blijven?
  • ECLI:NL:HR:2018:463 — 30-03-2018 Hoge Raad
    Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Personen- en familierecht; procesrecht. Begrip belanghebbende in art. 798 lid 1, eerste volzin, Rv en art. 806 lid 1 Rv bij beëindiging van door ouders gezamenlijk uitgeoefend ouderlijk gezag (art. 1:266 BW). Mogelijkheid van principaal en…
  • ECLI:NL:HR:2017:3264 — 22-12-2017 Hoge Raad
    Procesrecht. Kan in een meervoudig te beslissen zaak een mondelinge behandeling plaatsvinden ten overstaan van een van de drie rechters of raadsheren? Art. 15 Rv. Art. 16 Rv. HR 31 oktober 2014, ECLI:NL:HR:2014:3076, NJ 2015/181; HR 15 april 2016, ECLI:NL:HR:2016:662.…
  • ECLI:NL:HR:2017:3259 — 22-12-2017 Hoge Raad
    Procesrecht. Kan in een meervoudig te beslissen zaak een mondelinge behandeling plaatsvinden ten overstaan van een van de drie rechters of raadsheren? Art. 15 Rv. Art. 16 Rv. HR 31 oktober 2014, ECLI:NL:HR:2014:3076, NJ 2015/181; HR 15 april 2016, ECLI:NL:HR:2016:662.…

Bekijk alle 28 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.