Art. 3:321 Burgerlijk Wetboek Boek 3
Lid 1
Een grond voor verlenging van de verjaring bestaat:
tussen niet van tafel en bed gescheiden echtgenoten;
tussen een wettelijke vertegenwoordiger en de onbekwame die hij vertegenwoordigt;
tussen een bewindvoerder en de rechtshebbende voor wie hij het bewind voert, ter zake van vorderingen die dit bewind betreffen;
tussen rechtspersonen en haar bestuurders;
tussen een beneficiair aanvaarde nalatenschap en een erfgenaam;
tussen de schuldeiser en zijn schuldenaar die opzettelijk het bestaan van de schuld of de opeisbaarheid daarvan verborgen houdt;
tussen geregistreerde partners.
Lid 2
De onder b en c genoemde gronden voor verlenging duren voort totdat de eindrekening van de wettelijke vertegenwoordiger of de bewindvoerder is gesloten.
Recente uitspraken
Art. 3:321 BW is sinds 2000 in 128 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof 's-Hertogenbosch, Hof Arnhem-Leeuwarden en Hof Amsterdam.
- ECLI:NL:HR:2025:423 — 21-03-2025 Hoge Raad
Pensioenrecht. Verjaring (art. 3:308 BW). Tijdstip opeisbaar worden premievordering bedrijfstakpensioenfonds. Art. 26 Pw. Vervolg op HR 9 april 2021, ECLI:NL:HR:2021:527. - ECLI:NL:HR:2024:681 — 26-04-2024 Hoge Raad
Rechtspersonenrecht. Verbintenissenrecht. Reikwijdte van décharge en art. 2:9 BW-bestuurdersaansprakelijkheid. Reikwijdte van art. 6:89 BW-klachtplicht en vordering uit art. 2:9 BW-bestuurdersaansprakelijkheid / onverschuldigde betaling. Maatstaf voor art. 2:9… - ECLI:NL:HR:2022:1936 — 23-12-2022 Hoge Raad
Verjaring. Huwelijksvermogensrecht. Vergoedingsrecht uit hoofde van huwelijkse voorwaarden in verband met vermogensverschuiving tussen echtgenoten. HR 12 juni 1987, ECLI:NL:HR:1987:AC2558. Art. 1:87 BW. Had hof i.p.v. aan verjaringstermijn van twintig jaar (art. 3:306 BW)… - ECLI:NL:HR:2020:1413 — 11-09-2020 Hoge Raad
Onrechtmatige daad, verjaring. Aanvang verjaringstermijn (art. 3:310 lid 1 BW). Geldt wetenschap van bestuurder van benadeelde rechtspersoon ten aanzien van de onrechtmatige daad van een derde als wetenschap van de rechtspersoon? Belangenverstrengeling van bestuurder.… - ECLI:NL:HR:2014:1492 — 20-06-2014 Hoge Raad
Onrechtmatige daad. Verjaring vordering op grond van gevoerd voogdijbewind, art. 1:377 (oud) BW. Overgangsrecht, art. 73 Ow NBW en Invoeringswet Boeken 3, 5 en 6 NBW. Gronden voor verlenging? Vertegenwoordiging en bewind, art. 3:321 lid 1, aanhef en onder b en c, en lid 2 BW.…
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.