Art. 3:120 Burgerlijk Wetboek Boek 3

Lid 1

Aan een bezitter te goeder trouw behoren de afgescheiden natuurlijke en de opeisbaar geworden burgerlijke vruchten toe.

Lid 2

De rechthebbende op een goed, die dit opeist van een bezitter te goeder trouw of die het van deze heeft terugontvangen, is verplicht de ten behoeve van het goed gemaakte kosten alsmede de schade waarvoor de bezitter op grond van het in titel 3 van Boek 6 bepaalde uit hoofde van zijn bezit jegens derden aansprakelijk mocht zijn, aan deze te vergoeden, voor zover de bezitter niet door de vruchten van het goed en de overige voordelen die hij ter zake heeft genoten, voor het een en ander is schadeloos gesteld. De rechter kan de verschuldigde vergoeding beperken, indien volledige vergoeding zou leiden tot onbillijke bevoordeling van de bezitter jegens de rechthebbende.

Lid 3

Zolang een bezitter te goeder trouw de hem verschuldigde vergoeding niet heeft ontvangen, is hij bevoegd de afgifte van het goed op te schorten.

Lid 4

Het in dit artikel bepaalde is ook van toepassing op hem die meent en mocht menen dat hij het bezit rechtmatig heeft verkregen, ook al weet hij dat de handelingen die voor de levering van het recht nodig zijn, niet hebben plaatsgevonden.

Recente uitspraken

Art. 3:120 BW is sinds 2002 in 61 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Overijssel, Hof 's-Hertogenbosch en Rb. Gelderland.

  • ECLI:NL:HR:2012:BW4983 — 13-07-2012 Hoge Raad
    Ten onrechte door openbaar ministerie aan bestolen eigenaar afgegeven auto zonder beslissing rechtbank op door koper ex art. 552a Sv. ingediend klaagschrift af te wachten. Staat niet verplicht tot schadevergoeding nu eigenaar terecht beroep op art. 3:86 lid 3 BW doet (HR 25 juni…
  • ECLI:NL:HR:2002:AE2513 — 20-09-2002 Hoge Raad
    -
  • ECLI:NL:GHSHE:2025:2568 — 23-09-2025 Hof 's-Hertogenbosch
    Het ontbreken van een vergunning voor kamerverhuur rechtvaardigt de ontbinding van de koopovereenkomst.
  • ECLI:NL:GHARL:2024:179 — 09-01-2024 Hof Arnhem-Leeuwarden
    Vervolg op ECLI:NL:GHARL:2023:9412. Vernietiging koopovereenkomst woonhuis wegens dwaling. Beslissing op nevenvorderingen.
  • ECLI:NL:GHSHE:2023:3188 — 03-10-2023 Hof 's-Hertogenbosch
    aansprakelijkheid voormalig bestuurders woningstichting; betalingen/onttrekkingen zonder rechtsgrond; tegenstrijdig belang woningstichting en bestuurder; onverschuldigde betaling; ongerechtvaardigde verrijking; bestuurdersaansprakelijkheid; ernstig verwijt; verjaring.

Bekijk alle 61 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.