Art. 3:125 Burgerlijk Wetboek Boek 3
Lid 1
Hij die het bezit van een goed heeft verkregen, kan op grond van een daarna ingetreden bezitsverlies of bezitsstoornis tegen derden dezelfde rechtsvorderingen instellen tot terugverkrijging van het goed en tot opheffing van de stoornis, die de rechthebbende op het goed toekomen. Nochtans moeten deze rechtsvorderingen binnen het jaar na het verlies of de stoornis worden ingesteld.
Lid 2
De vordering wordt afgewezen, indien de verweerder een beter recht dan de eiser heeft tot het houden van het goed of de storende handelingen krachtens een beter recht heeft verricht, tenzij de verweerder met geweld of op heimelijke wijze aan de eiser het bezit heeft ontnomen of diens bezit heeft gestoord.
Lid 3
Het in dit artikel bepaalde laat voor de bezitter, ook nadat het in het eerste lid bedoelde jaar is verstreken, en voor de houder onverlet de mogelijkheid een vordering op grond van onrechtmatige daad in te stellen, indien daartoe gronden zijn.
Recente uitspraken
Art. 3:125 BW is sinds 2016 in 11 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Den Haag, Hof Den Haag en Hof 's-Hertogenbosch.
- ECLI:NL:GHDHA:2024:1997 — 12-11-2024 Hof Den Haag
Bezit onroerende zaak door een niet-rechthebbende. Geen bevrijdende verjaring, aangezien het bezit minder dan twintig jaar heeft geduurd. Art 3:117 BW staat op gespannen voet met (de ratio van) het kenbaarheidsvereiste van bezit gedurende twintig jaar. In ieder geval heeft de… - ECLI:NL:GHSHE:2020:2405 — 28-07-2020 Hof 's-Hertogenbosch
Eigendom paarden, gemeenschap, onrechtmatig handelen, schadevergoeding, deskundige, kosten verzorging. - ECLI:NL:GHDHA:2017:630 — 07-03-2017 Hof Den Haag
Geschil over scheidingsmuur tussen twee erven. Bewijsvermoeden van artikel 5:36 BW. Bewijsopdracht voor tegenbewijs. - ECLI:NL:GHSHE:2016:4279 — 27-09-2016 Hof 's-Hertogenbosch
Eigendom diverse roerende zaken van rechtspersoon/oud-bestuurder rechtspersoon/moedervennootschap na koop en verkoop aandelen rechtspersoon. Bewijsvermoedens. Verkrijgende verjaring? Overeenkomst tussen oude en nieuwe bestuurder rechtspersoon? - ECLI:NL:RBLIM:2026:9315 — 03-09-2026 Rb. Limburg
Afgifte hond, eerder oordeel kort geding nog van toepassing, artt. 3:109 jo 3:125 BW, oordeel met inachtneming wettelijke vermoedens, geen nader onderzoek of bewijslevering in kort geding. Toewijzen afgifte hond onder verbeurte van een dwangsom, afwijzen machtiging inroepen…
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.