Art. 3:184 Burgerlijk Wetboek Boek 3

Lid 1

Ieder der deelgenoten kan bij een verdeling verlangen dat op het aandeel van een andere deelgenoot wordt toegerekend hetgeen deze aan de gemeenschap schuldig is. De toerekening geschiedt ongeacht de gegoedheid van de schuldenaar. Is het een schuld onder tijdsbepaling, dan wordt zij voor haar contante waarde op het tijdstip der verdeling toegerekend.

Lid 2

Het vorige lid is niet van toepassing op schulden onder een opschortende voorwaarde die nog niet vervuld is.

Wordt genoemd in:

Recente uitspraken

Art. 3:184 BW is sinds 2018 in 2 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof 's-Hertogenbosch.

  • ECLI:NL:GHSHE:2019:205106-06-2019 Hof 's-Hertogenbosch
    Huwelijksvermogensrecht. (Nederlandse) Wettelijke algehele gemeenschap van goederen. Uitzondering eenheidsbeginsel; op onroerende zaak in Duitsland is Duits recht van toepassing. ‘Zugewinn’. Verdeling eenmanszaak in Duitsland en aandelen in Nederlandse besloten vennootschap.…
  • ECLI:NL:GHSHE:2018:305517-07-2018 Hof 's-Hertogenbosch
    Verdeling nalatenschap. Vraag of een van de deelgenoten in de nalatenschap persoonlijk aansprakelijk is voor het niet terugbetalen van geldleningen aan diens vennootschap, welke geldleningen door hem als gevolmachtigde waren verstrekt met gelden van de overleden ouders en met…

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.