Art. 3:320 Burgerlijk Wetboek Boek 3
Wanneer een verjaringstermijn zou aflopen tijdens het bestaan van een verlengingsgrond of binnen zes maanden na het verdwijnen van een zodanige grond, loopt de termijn voort totdat zes maanden na het verdwijnen van die grond zijn verstreken.
Recente uitspraken
Art. 3:320 BW is sinds 2000 in 109 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof 's-Hertogenbosch, Hof Arnhem-Leeuwarden en Hof Amsterdam.
- ECLI:NL:HR:2025:423 — 21-03-2025 Hoge Raad
Pensioenrecht. Verjaring (art. 3:308 BW). Tijdstip opeisbaar worden premievordering bedrijfstakpensioenfonds. Art. 26 Pw. Vervolg op HR 9 april 2021, ECLI:NL:HR:2021:527. - ECLI:NL:HR:2022:1936 — 23-12-2022 Hoge Raad
Verjaring. Huwelijksvermogensrecht. Vergoedingsrecht uit hoofde van huwelijkse voorwaarden in verband met vermogensverschuiving tussen echtgenoten. HR 12 juni 1987, ECLI:NL:HR:1987:AC2558. Art. 1:87 BW. Had hof i.p.v. aan verjaringstermijn van twintig jaar (art. 3:306 BW)… - ECLI:NL:HR:2020:1413 — 11-09-2020 Hoge Raad
Onrechtmatige daad, verjaring. Aanvang verjaringstermijn (art. 3:310 lid 1 BW). Geldt wetenschap van bestuurder van benadeelde rechtspersoon ten aanzien van de onrechtmatige daad van een derde als wetenschap van de rechtspersoon? Belangenverstrengeling van bestuurder.… - ECLI:NL:HR:2020:1310 — 17-07-2020 Hoge Raad
Verbintenissenrecht; verjaring. Vordering op rechtspersoon die na faillietverklaring door insolventie is ontbonden en vervolgens is opgehouden te bestaan (art. 2:19 lid 1, onder c, en lid 6 BW), terwijl de mogelijkheid bestaat dat de vereffening in faillissement wordt heropend… - ECLI:NL:HR:2017:1182 — 30-06-2017 Hoge Raad
Vermogensrecht. Ondernemingsrecht. Borgtocht en verjaring; art. 7:853 BW. Einde verjaringstermijn van vordering op niet meer bestaande rechtspersoon. Geldt verlengde termijn van art. 2:23c lid 2 BW jo. art. 3:320 BW slechts indien vereffening wordt heropend, of loopt…
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.