Art. 3:301 Burgerlijk Wetboek Boek 3
Lid 1
Een uitspraak waarvan de rechter heeft bepaald dat zij in de plaats treedt van een tot levering van een registergoed bestemde akte of van een deel van een zodanige akte, kan slechts in de openbare registers worden ingeschreven, indien zij is betekend aan degene die tot de levering werd veroordeeld, en
in kracht van gewijsde is gegaan, of
uitvoerbaar bij voorraad is en een termijn van veertien dagen of zoveel korter of langer als in de uitspraak is bepaald, sedert de betekening van de uitspraak is verstreken.
Lid 2
Verzet, hoger beroep en cassatie moeten op straffe van niet-ontvankelijkheid binnen acht dagen na het instellen van het rechtsmiddel worden ingeschreven in de registers, bedoeld in artikel 433 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. In afwijking van artikel 143 van dat wetboek begint de verzettermijn te lopen vanaf de betekening van het vonnis aan de veroordeelde, ook als de betekening niet aan hem in persoon geschiedt.
Lid 3
Indien de werking van een uitspraak als bedoeld in lid 1 door de rechter aan een voorwaarde is gebonden, weigert de bewaarder de inschrijving van die uitspraak, indien niet tevens een notariële verklaring of een authentiek afschrift daarvan wordt overgelegd, waaruit van de vervulling van de voorwaarde blijkt.
Recente uitspraken
Art. 3:301 BW is sinds 1999 in 327 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Arnhem-Leeuwarden, Hof 's-Hertogenbosch en Hof Amsterdam.
- ECLI:NL:HR:2026:844 — 05-06-2026 Hoge Raad
Personen- en familierecht. Echtscheiding; verdeling. Procesrecht; ontvankelijkheid in cassatie. Uitspraak als bedoeld in art. 3:300 lid 2 BW; inschrijving in rechtsmiddelenregister (art. 3:301 lid 2 BW; art. 433 Rv); apparaatsfout. - ECLI:NL:HR:2025:315 — 21-02-2025 Hoge Raad
Verdeling eenvoudige gemeenschap tussen drie deelgenoten. Waardering percelen door taxateur. Taxatie bindend? Art. 3:185 BW in samenhang met art. 679 lid 2 Rv. - ECLI:NL:HR:2022:1108 — 15-07-2022 Hoge Raad
Procesrecht. IPR. Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens verzuim inschrijving rechtsmiddel (art. 3:301 lid 2 BW jo. art. 433 Rv?). Gezag van gewijsde van in Nederland erkend Belgisch verstekvonnis; art. 33 Verordening Brussel I. Staat gezag van gewijsde Belgisch vonnis in de… - ECLI:NL:HR:2021:647 — 23-04-2021 Hoge Raad
Erfrecht. Procesrecht. Verdeling nalatenschap. Art. 3:301 lid 2 BW en art. 433 Rv. Veroordeling tot medewerking aan levering registergoed met bepaling dat vonnis in de plaats treedt van een deel van de leveringsakte (art. 3:300 lid 2 BW). Hoger beroep niet ingeschreven in het… - ECLI:NL:HR:2020:538 — 27-03-2020 Hoge Raad
Procesrecht. Art. 3:301 BW en 433 Rv. Veroordeling tot levering registergoed met bepaling dat vonnis in de plaats treedt van rechtshandeling als veroordeelde niet meewerkt (art. 3:300 lid 1 BW). Geldt sanctie van niet-ontvankelijkheid van beroep tegen vonnis bij…
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.