Art. 3:67 Burgerlijk Wetboek Boek 3

Lid 1

Hij die een overeenkomst aangaat in naam van een nader te noemen volmachtgever, moet diens naam noemen binnen de door de wet, de overeenkomst of het gebruik bepaalde termijn of, bij gebreke hiervan, binnen een redelijke termijn.

Lid 2

Wanneer hij de naam van de volmachtgever niet tijdig noemt, wordt hij geacht de overeenkomst voor zichzelf te hebben aangegaan, tenzij uit de overeenkomst anders voortvloeit.

Recente uitspraken

Art. 3:67 BW is sinds 2000 in 42 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Rotterdam, Hof Amsterdam en Hof Arnhem-Leeuwarden.

  • ECLI:NL:HR:2014:2997 — 17-10-2014 Hoge Raad
    Art. 81 lid 1 RO. Koopovereenkomst gesloten ‘voor zich of nader te noemen meester’. Maatstaf art. 3:67 BW, HR 26 mei 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA5953, NJ 2000/442. Aanwijzing volmachtgever voldoende duidelijk en zonder voorbehoud, alsook binnen redelijke termijn? Art. 3:33 en 3:35…
  • ECLI:NL:HR:2013:1384 — 22-11-2013 Hoge Raad
    Volmacht bij koopovereenkomst met betrekking tot onroerend goed. Is (pseudo-)gevolmachtigde aansprakelijk voor contractuele boete wegens niet-nakoming volmachtgever? Art. 3:70 BW; bewijslast met betrekking tot bestaan volmachtgever en toereikende volmacht; Hoge Raad komt…
  • ECLI:NL:HR:2000:AA5953 — 26-05-2000 Hoge Raad
    -
  • ECLI:NL:GHARL:2026:4499 — 07-07-2026 Hof Arnhem-Leeuwarden
    IB/PVV. Verkoop onroerende zaak aan gelieerde partijen. Winstuitdeling?
  • ECLI:NL:GHDHA:2026:469 — 17-03-2026 Hof Den Haag
    Appellant is bij verstekvonnis partij geworden bij een koopovereenkomst. Het hof ziet geen grondslag dat appellant slechts in de meest enge zin partij is geworden. Vordering uit hoofde van de boeteclausule wordt echter afgewezen omdat haar rechtsvoorganger haar recht op nakoming…

Bekijk alle 42 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.