Art. 3:69 Burgerlijk Wetboek Boek 3
Lid 1
Wanneer iemand zonder daartoe bevoegd te zijn als gevolmachtigde in naam van een ander heeft gehandeld, kan laatstgenoemde de rechtshandeling bekrachtigen en haar daardoor hetzelfde gevolg verschaffen, als zou zijn ingetreden wanneer zij krachtens een volmacht was verricht.
Lid 2
Is voor het verlenen van een volmacht tot de rechtshandeling een bepaalde vorm vereist, dan geldt voor de bekrachtiging hetzelfde vereiste.
Lid 3
Een bekrachtiging heeft geen gevolg, indien op het tijdstip waarop zij geschiedt, de wederpartij reeds heeft te kennen gegeven dat zij de handeling wegens het ontbreken van een volmacht als ongeldig beschouwt, tenzij de wederpartij op het tijdstip dat zij handelde heeft begrepen of onder de gegeven omstandigheden redelijkerwijs heeft moeten begrijpen dat geen toereikende volmacht was verleend.
Lid 4
Een onmiddellijk belanghebbende kan degene in wiens naam gehandeld is, een redelijke termijn voor de bekrachtiging stellen. Hij behoeft niet met een gedeeltelijke of voorwaardelijke bekrachtiging genoegen te nemen.
Lid 5
Rechten door de volmachtgever vóór de bekrachtiging aan derden verleend, blijven gehandhaafd.
Recente uitspraken
Art. 3:69 BW is sinds 2000 in 125 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Arnhem-Leeuwarden, Hof 's-Hertogenbosch en Hof Amsterdam.
- ECLI:NL:HR:2017:150 — 03-02-2017 Hoge Raad
Verjaring van vordering tot vernietiging koopovereenkomst (art. 3:34 BW)? Betekenis van ‘onbekwaamheid’ in art. 3:52 lid 1, onder a, BW. Bekrachtiging overeenkomst die is aangegaan in strijd met verbod van ‘Selbsteintritt’ (art. 3:68). - ECLI:NL:HR:2017:144 — 03-02-2017 Hoge Raad
Vertegenwoordiging, ontbreken bevoegdheid, onrechtmatige daad. Aansprakelijkheid voor sluiten overeenkomst namens een pas later opgerichte vennootschap. Bekrachtiging in oprichtingsakte, aan bekrachtigingshandeling te stellen eisen (art. 3:69, 3:33 en 3:37 BW). - ECLI:NL:HR:2014:2 — 10-01-2014 Hoge Raad
Art. 6:5, lid 1, Awb; art. 6:6, onderdeel a, Awb; art. 8:24, lid 2, Awb; art. 8:54 Awb; art. 3:69 BW. Niet overleggen machtiging is art. 6:6 Awb verzuim. Dit verzuim kan in verzet niet worden hersteld. - ECLI:NL:HR:2012:BW9243 — 12-10-2012 Hoge Raad
Vaststellingsovereenkomst (Duisenberg-regeling). Vertegenwoordiging. Door juridisch adviseur uitgebrachte opt-outverklaring als bedoeld in art. 7:908 lid 2 BW. Toereikende volmacht? Uitleg volmacht; maatstaven art. 3:33 en 3:35 BW. Strekking volmacht; art. 3:62 BW.… - ECLI:NL:HR:2010:BN1400 — 22-10-2010 Hoge Raad
Verbintenissenrecht. Nakoming leaseovereenkomst. Vergeefse cassatieklachten tegen oordeel hof dat sprake is van gerechtvaardigd vertrouwen van bekrachtiging van de overeenkomst; art. 3:35 en art. 3:69 BW.
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.