Art. 3:22 Burgerlijk Wetboek Boek 3

Wanneer een feit in de registers is ingeschreven, kan daarna de geldigheid van de inschrijving niet meer worden betwist op grond dat de formaliteiten die voor de inschrijving worden vereist, niet zijn in acht genomen.

Recente uitspraken

Art. 3:22 BW is sinds 2007 in 3 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Arnhem-Leeuwarden, Rb. Rotterdam en Rb. Zutphen.

  • ECLI:NL:GHARL:2023:4942 — 13-06-2023 Hof Arnhem-Leeuwarden
    Geschil tussen twee vastgoedontwikkelaars die zich bezighouden met kamerverhuur aan studenten. Door nieuwbouw van een pand door de één, bevindt zich tegenover twee dakramen in het pand van de ander, een hoge blinde muur. Geen door verjaring verkregen erfdienstbaarheid met…
  • ECLI:NL:RBZUT:2010:BQ0546 — 15-11-2010 Rb. Zutphen
    Vormerkung van tweede verkoop. Mag verkoper nu afzien van eerste verkoop en de tweede nakomen ? Nee, want koper in tweede overeenkomst kende de eerste; Vormerkung blijft omwille van afweer van derden wel in stand.
  • ECLI:NL:RBROT:2007:BA0920 — 07-03-2007 Rb. Rotterdam
    Rangregeling na executoriale verkoop 26 casco's binnenschepen; geldigheid inschrijving in Nederlands binnenschepenregister als 'afgebouwd binnenschip'; geldigheid hypotheekrechten; aantal rangregelingsprocedures; bepaling procureurssalaris voor kosten van uitwinning.

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.