Art. 3:106 Burgerlijk Wetboek Boek 3
Wanneer de verjaring van de rechtsvordering van een beperkt gerechtigde tegen de hoofdgerechtigde tot opheffing van een met het beperkte recht strijdige toestand wordt voltooid, gaat het beperkte recht teniet, voor zover de uitoefening daarvan door die toestand is belet.
Recente uitspraken
Art. 3:106 BW is sinds 2004 in 50 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Arnhem-Leeuwarden, Hof 's-Hertogenbosch en Rb. Gelderland.
- ECLI:NL:HR:2012:BW5324 — 10-08-2012 Hoge Raad
Verkrijging door verjaring rechtsvordering tot beëindiging bezit, art. 3:105 BW. Goede trouw opvolgende bezitter(s) niet vereist. Art. 3:102 BW niet van toepassing. - ECLI:NL:HR:2009:BJ9064 — 06-11-2009 Hoge Raad
Vermogensrecht. Verjaring van rechtsvordering tot opheffing van een met een erfdienstbaarheid strijdige toestand (3:106 BW)? (81 RO). - ECLI:NL:HR:2005:AU2397 — 02-12-2005 Hoge Raad
Burengeschil over erfdienstbaarheden m.b.t. het gebruik van een tussen hun panden gelegen gang, spiegelbeeldigheid van erfdienstbaarheden, onmogelijkheid tot uitoefening van erfdienstbaarheid na uitbouw van beide panden waardoor de gang is volgebouwd; opheffing… - ECLI:NL:GHSHE:2026:1578 — 09-06-2026 Hof 's-Hertogenbosch
Burenrecht, camera’s, onrechtmatige hinder? In hoger beroep vermeerdering van de dwangsom die door de rechter in eerste aanleg aan de hoofdveroordeling was verbonden. - ECLI:NL:GHARL:2026:769 — 10-02-2026 Hof Arnhem-Leeuwarden
Geschil over bestaan en omvang van erfdienstbaarheden over en weer.
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.