Art. 3:243 Burgerlijk Wetboek Boek 3

Lid 1

Hij die uit hoofde van een pandrecht een zaak onder zich heeft, moet als een goed pandhouder voor de zaak zorgdragen.

Lid 2

Door een pandhouder betaalde kosten tot behoud en tot onderhoud, met inbegrip van door hem betaalde aan het goed verbonden lasten, moeten hem door de pandgever worden terugbetaald; het pandrecht strekt mede tot zekerheid daarvoor. Andere door hem ten behoeve van het pand gemaakte kosten kan hij van de pandgever slechts terugvorderen, indien hij ze met diens toestemming heeft gemaakt, onverminderd diens aansprakelijkheid uit zaakwaarneming of ongerechtvaardigde verrijking.

Recente uitspraken

Art. 3:243 BW is sinds 2009 in 4 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Amsterdam, Rb. Amsterdam en Rb. Leeuwarden.

  • ECLI:NL:GHAMS:2009:BJ9715 — 06-10-2009 Hof Amsterdam
    Beleggingshypotheek eindigt met gedwongen verkoop en schuld van € 500 000. Bank niet tekortgeschoten (in waarschuwingsplicht). Beleggingshorizon. Gezien eigen vermogen (waarde woonhuis en opbrengst ander huis) mocht hogere lening worden geadviseerd in verhouding tot regulier…
  • ECLI:NL:RBROT:2022:6882 — 03-08-2022 Rb. Rotterdam
    Internationaal contractueel geschil. In conventie vordert een Nederlands bedrijf, Bogenda, dat werkzaam is op het gebied van scheepsbouw- en scheepsreparatiewerkzaamheden, vergoedingen van vier SSC’s (shared service companies) uit de Seychellen, gedaagden, wegens werkzaamheden…
  • ECLI:NL:RBAMS:2013:6475 — 18-09-2013 Rb. Amsterdam
    Bodemverhuurconstructie (voor 1 januari 2013) onrechtmatig (want nadelig) jegens boedel? Ten onrechte huuropbrengst verrekend? Zorgplicht van pandhouder voor in vuistpand genomen zaken.
  • ECLI:NL:RBLEE:2012:BY7057 — 05-12-2012 Rb. Leeuwarden
    Vraag of bank als pandhouder gehouden was om tijdens het faillissement van een pandgever de verjaring van de door deze pandgever aan haar verpande vorderingen te stuiten.

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.