Art. 3:241 Burgerlijk Wetboek Boek 3

De pandhouder is verplicht desgevorderd aan de pandgever een schriftelijke verklaring af te geven van de aard en, voor zover mogelijk, het bedrag van de vordering waarvoor het verpande tot zekerheid strekt.

Recente uitspraken

Art. 3:241 BW is sinds 2011 in 2 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof 's-Hertogenbosch en Rb. Rotterdam.

  • ECLI:NL:GHSHE:2016:4294 — 27-09-2016 Hof 's-Hertogenbosch
    Schending zorgplicht ter zake renteswap. De bank heeft cliënt niet geruime tijd voorafgaande aan het sluiten van de financieringsovereenkomst met verplichte renteruil gewaarschuwd voor de aan de renteswap verbonden risico’s. Rechtsgeldig opzegging financiering
  • ECLI:NL:RBROT:2011:BU4853 — 09-11-2011 Rb. Rotterdam
    Incident tot niet-ontvankelijkverklaring. In hoofdzaak deels zelfde vordering aan de orde als in (lopende) appelprocedure in andere zaak. Misbruik van procesrecht. Deels niet-ontvankelijk. Kantonrechter niet bevoegd t.a.v. vordering inzake uitwinning pand.

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.