Art. 3:206 Burgerlijk Wetboek Boek 3

Lid 1

De vruchtgebruiker moet voor de nakoming van zijn verplichtingen jegens de hoofdgerechtigde zekerheid stellen, tenzij hij hiervan is vrijgesteld of de belangen van de hoofdgerechtigde reeds voldoende zijn beveiligd door de instelling van een bewind.

Lid 2

Is de vruchtgebruiker van het stellen van zekerheid vrijgesteld, dan kan de hoofdgerechtigde jaarlijks verlangen dat hem de aan het vruchtgebruik onderworpen zaken worden getoond. Ten aanzien van waardepapieren en gelden kan, behoudens bijzondere omstandigheden, met overlegging van een verklaring van een geregistreerde krediet-instelling worden volstaan.

Recente uitspraken

Art. 3:206 BW is sinds 2010 in 11 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Noord-Holland, Rb. Den Haag en Hof Amsterdam.

  • ECLI:NL:GHDHA:2020:2274 — 15-12-2020 Hof Den Haag
    recht van vruchtgebruik op vordering; rechtsgeldige constructie?; misbruik van recht; uitlokken van wanpretatie onrechtmatig door bijkomende omstandigheden
  • ECLI:NL:GHARL:2020:2328 — 17-03-2020 Hof Arnhem-Leeuwarden
    Vervolg op ECLI:NL:GHARL:2019:1820. Bezwaarde erfgenaam doet herroepelijke schenking ter zake des doods. Uitleg.
  • ECLI:NL:GHAMS:2017:1154 — 04-04-2017 Hof Amsterdam
    Vervolg op ECLI:NL:GHAMS:2016:5124
  • ECLI:NL:RBDHA:2024:12615 — 19-07-2024 Rb. Den Haag
    Mondelinge uitspraak inzake de geldigheid van een in een Frans codicil opgenomen legaat en inzake de toonplicht van de vruchtgebruiker.
  • ECLI:NL:RBLIM:2023:2373 — 05-04-2023 Rb. Limburg
    Vordering van erfgenamen tot ontruiming legataris toegewezen. Legataris wil immers niet meewerken aan de vestiging van het recht van gebruik en bewoning onder – onder andere – de onderhoudsvoorwaarde waarop dat recht volgens de uiterste wilsbeschikking aan haar is gelegateerd…

Bekijk alle 11 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.