Art. 1:298 Burgerlijk Wetboek Boek 1
Gedurende de in de artikelen 296 en 297 bedoelde voogdij is de uitoefening van de voogdij geschorst ten aanzien van de voogd die het betreft.
Gedurende de in de artikelen 296 en 297 bedoelde voogdij is de uitoefening van de voogdij geschorst ten aanzien van de voogd die het betreft.