Art. 1:266 Burgerlijk Wetboek Boek 1
Lid 1
De rechtbank kan het gezag van een ouder beëindigen indien:
een minderjarige zodanig opgroeit dat hij in zijn ontwikkeling ernstig wordt bedreigd, en de ouder niet de verantwoordelijkheid voor de verzorging en opvoeding, bedoeld in artikel 247, tweede lid, in staat is te dragen binnen een voor de persoon en de ontwikkeling van de minderjarige aanvaardbaar te achten termijn, of
de ouder het gezag misbruikt.
Lid 2
Het gezag van de ouder kan ook worden beëindigd indien het gezag is geschorst, mits aan het eerste lid is voldaan.
Wordt genoemd in:
Recente uitspraken
Art. 1:266 BW is sinds 2002 in 632 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Arnhem-Leeuwarden, Hof 's-Hertogenbosch en Rb. Zeeland-West-Brabant.
- ECLI:NL:HR:2025:1948 — 19-12-2025 Hoge Raad
Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Personen- en familierecht. Jeugdrecht. Vragen over plaatsing van kind in pleeggezin als screening van pleeggezin niet of niet met positief resultaat heeft plaatsgevonden of pleegzorgaanbieder plaatsing niet langer verantwoord vindt, en over… - ECLI:NL:HR:2023:1278 — 22-09-2023 Hoge Raad
Art. 81 lid 1 RO. Jeugdrecht. Beëindiging van gezag van vader (art. 1:266 BW). Afwijzing verzoek tot gelasten van nader onderzoek (art. 810a Rv). Strijd met art. 8 EVRM en art. 3, 5 en 20 IVRK? - ECLI:NL:HR:2023:1148 — 01-09-2023 Hoge Raad
Familie- en jeugdrecht. Cassatie in belang der wet. Kan een perspectiefbesluit van de gecertificeerde instelling via geschillenregeling van art. 1:262b BW aan kinderrechter worden voorgelegd? - ECLI:NL:HR:2022:1581 — 04-11-2022 Hoge Raad
Art. 81 lid 1 RO. Jeugdbescherming. Art. 1:266 lid 1 BW. Art. 810a lid 2 Rv. Gezag van moeder over drie van haar kinderen beëindigd. Rechtvaardigen zorgen vóór uithuisplaatsing dat daarna niet meer is gewerkt aan terugkeer naar huis? Mocht verzoek om contra-expertise worden… - ECLI:NL:HR:2022:684 — 13-05-2022 Hoge Raad
Personen- en familierecht. Ouderlijk gezag. Beëindiging ouderlijk gezag voor duur van een jaar zonder dat een verzoek op de voet van art. 1:266-267 BW is ingediend. Biedt art. 1:253a BW daarvoor een grondslag?
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.