Art. 1:377a Burgerlijk Wetboek Boek 1
Lid 1
Het kind heeft het recht op omgang met zijn ouders en met degene die in een nauwe persoonlijke betrekking tot hem staat. De niet met het gezag belaste ouder heeft het recht op en de verplichting tot omgang met zijn kind.
Lid 2
De rechter stelt op verzoek van de ouders of van een van hen of degene die in een nauwe persoonlijke betrekking staat tot het kind, al dan niet voor bepaalde tijd, een regeling inzake de uitoefening van het omgangsrecht vast dan wel ontzegt, al dan niet voor bepaalde tijd, het recht op omgang.
Lid 3
De rechter ontzegt het recht op omgang slechts, indien:
omgang ernstig nadeel zou opleveren voor de geestelijke of lichamelijke ontwikkeling van het kind, of
de ouder of degene die in een nauwe persoonlijke betrekking staat tot het kind kennelijk ongeschikt of kennelijk niet in staat moet worden geacht tot omgang, of
het kind dat twaalf jaren of ouder is, bij zijn verhoor van ernstige bezwaren tegen omgang met zijn ouder of met degene met wie hij in een nauwe persoonlijke betrekking staat heeft doen blijken, of
omgang anderszins in strijd is met zwaarwegende belangen van het kind.
Recente uitspraken
Art. 1:377a BW is sinds 1999 in 1218 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof 's-Hertogenbosch, Hof Arnhem-Leeuwarden en Rb. Zeeland-West-Brabant.
- ECLI:NL:HR:2026:452 — 20-03-2026 Hoge Raad
Art. 81 lid 1 RO. Personen- en familierecht. Gezag. Miskenning dat vader ook zonder gezamenlijk gezag informatie over minderjarige kan krijgen (art. 1:377b BW en art. 1:377c BW) en contact met minderjarige kan hebben (art. 1:377a BW)? Motiveringsklachten. - ECLI:NL:HR:2026:177 — 10-02-2026 Hoge Raad
Moord door in 2019 in Kerkrade met mes in borst van zijn ex-partner te steken en haar hals door te snijden, art. 289 Sr. Levenslange gevangenisstraf opgelegd. 1. Is oplegging van levenslange gevangenisstraf in overeenstemming met eisen die art. 3 EVRM stelt als tot levenslange… - ECLI:NL:HR:2026:61 — 16-01-2026 Hoge Raad
Personen- en familierecht. Art. 1:377a BW. Motivering van ontzegging van omgang. - ECLI:NL:HR:2026:33 — 13-01-2026 Hoge Raad
Doodslag door slachtoffer met vuurwapen door zijn hoofd te schieten (art. 287 Sr) en medeplegen van wegvoeren en verbergen van lijk (art. 151 Sr). Vordering benadeelde partij t.a.v. vergoeding van affectieschade. Kan b.p. (zus van slachtoffer) worden aangemerkt als ‘naaste’… - ECLI:NL:HR:2025:1948 — 19-12-2025 Hoge Raad
Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Personen- en familierecht. Jeugdrecht. Vragen over plaatsing van kind in pleeggezin als screening van pleeggezin niet of niet met positief resultaat heeft plaatsgevonden of pleegzorgaanbieder plaatsing niet langer verantwoord vindt, en over…
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.