Art. 1:18c Burgerlijk Wetboek Boek 1

Lid 1

Blijft een partij bij een akte van de burgerlijke stand of een belanghebbende partij in gebreke de in artikel 18, derde lid, bedoelde bescheiden over te leggen, of acht de ambtenaar van de burgerlijke stand de overgelegde bescheiden ongenoegzaam, dan weigert deze tot het opmaken van de akte over te gaan.

Lid 2

De ambtenaar van de burgerlijke stand weigert eveneens tot het opmaken van de akte over te gaan, indien hij van oordeel is dat de Nederlandse openbare orde zich hiertegen verzet.

Lid 3

Van een weigering als bedoeld in het eerste of het tweede lid doet de ambtenaar van de burgerlijke stand een schriftelijke, met redenen omklede mededeling aan de partijen bij de akte en de belanghebbende partijen toekomen, onder vermelding van de tegen die weigering openstaande voorziening van afdeling 12 van deze titel. Een afschrift van deze mededeling doet hij aan de Immigratie- en Naturalisatiedienst toekomen.

Recente uitspraken

Art. 1:18c BW is sinds 2017 in 36 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Den Haag, Rb. Amsterdam en Hof 's-Hertogenbosch.

  • ECLI:NL:GHAMS:2022:1936 — 28-06-2022 Hof Amsterdam
    De vraag is of de erkenning van het kind door de man in strijd is met de Nederlandse openbare orde. Dat is naar het oordeel van het hof niet het geval. De man heeft zijn bevoegdheid tot erkenning niet misbruikt. Voldoende is komen vast te staan dat de man met de uitoefening van…
  • ECLI:NL:GHSHE:2022:881 — 17-03-2022 Hof 's-Hertogenbosch
    IPR
  • ECLI:NL:GHAMS:2022:136 — 18-01-2022 Hof Amsterdam
    Verzoek van de man tot het opmaken van akten van erkenning van de kinderen ten onrechte afgewezen door de ambtenaar van de burgerlijke stand. Niet is komen vaststaan dat sprake is van een erkenning die uitsluitend is gericht op het verkrijgen van toegang en/of verblijf in…
  • ECLI:NL:GHSHE:2021:3388 — 11-11-2021 Hof 's-Hertogenbosch
    Art. 1:18c BW, art. 1:27 BW, art. 1 Wet op de identificatieplicht, art. 8 EVRM. De ambtenaar van de burgerlijke stand heeft terecht geweigerd een akte van erkenning op te maken, omdat de identiteit van de man niet kan worden vastgesteld enkel op basis van een (Algerijns)…
  • ECLI:NL:GHSHE:2021:391 — 11-02-2021 Hof 's-Hertogenbosch
    Anders dan de rechtbank is het hof van oordeel dat de erkenning van het buitenlands polygaam huwelijk van de man op grond van art. 10:32 BW onverenigbaar is met de Nederlandse openbare orde vanaf het moment dat de man het Nederlanderschap heeft verworven. Daardoor stuit ook de…

Bekijk alle 36 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.