Art. 1:253aa Burgerlijk Wetboek Boek 1
Lid 1
Gedurende hun geregistreerd partnerschap oefenen de ouders het gezag gezamenlijk uit.
Lid 2
De bepalingen met betrekking tot het gezamenlijk gezag van gehuwde en gehuwd geweest zijnde ouders zijn van overeenkomstige toepassing, met uitzondering van het omtrent scheiding van tafel en bed en ontbinding van het huwelijk na scheiding van tafel en bed bepaalde. Na ontbinding van het geregistreerd partnerschap als bedoeld in artikel 80c, eerste lid, onderdeel d, blijven de ouders die gezamenlijk het gezag hebben, dit gezag gezamenlijk uitoefenen.
Recente uitspraken
Art. 1:253aa BW is sinds 2004 in 15 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Rotterdam, Hof 's-Hertogenbosch en Rb. Den Haag.
- ECLI:NL:GHSHE:2021:1650 — 03-06-2021 Hof 's-Hertogenbosch
Gezag - ECLI:NL:GHSHE:2020:2659 — 27-08-2020 Hof 's-Hertogenbosch
Gezag - ECLI:NL:GHARL:2017:11424 — 28-12-2017 Hof Arnhem-Leeuwarden
Verzoek vervangende toestemming tot erkenning. Analogische toepassing artikel 1:204 lid 3 BW. - ECLI:NL:RBDHA:2025:27334 — 30-12-2025 Rb. Den Haag
Ontbinding geregistreerd partnerschap met nevenvoorzieningen: gezag, hoofdverblijfplaats, voortgezet gebruik en verdeling - ECLI:NL:RBROT:2025:13381 — 05-11-2025 Rb. Rotterdam
Ontbinding geregistreerd partnerschap met nevenvoorzieningen, waaronder verzoeken tot beëindiging van het gezamenlijk gezag. Hierbij moet onderscheid worden gemaakt tussen de twee kinderen, omdat het gezamenlijk gezag van partijen op verschillende manieren tot stand is gekomen.…
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.