Art. 1:175 Burgerlijk Wetboek Boek 1
Lid 1
Op verzoek van een echtgenoot kan de rechter bij de beschikking houdende scheiding van tafel en bed of bij latere uitspraak bepalen dat, als die echtgenoot ten tijde van de inschrijving van de beschikking een woning bewoont die aan de andere echtgenoot uitsluitend of mede toebehoort of ten gebruike toekomt, hij jegens de andere echtgenoot bevoegd is de bewoning en het gebruik van de bij de woning en tot de inboedel daarvan behorende zaken gedurende zes maanden na de inschrijving van de beschikking, tegen een redelijke vergoeding voort te zetten.
Lid 2
Tegen hem kan een in dat tijdvak zonder zijn toestemming door de andere echtgenoot verrichte rechtshandeling niet worden tegengeworpen ten nadele van zijn in het vorige lid omschreven bevoegdheid.
Lid 3
Weigert hij zijn toestemming of is hij niet in staat zijn wil te verklaren, dan kan de rechtbank die in eerste aanleg over het verzoek tot scheiding van tafel en bed heeft beslist, op verzoek van de andere echtgenoot bepalen dat het vorige lid buiten toepassing blijft.
Recente uitspraken
Art. 1:175 BW is sinds 2023 in 3 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Den Haag, Hof 's-Hertogenbosch en Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Si.
- ECLI:NL:GHSHE:2023:3196 — 03-10-2023 Hof 's-Hertogenbosch
Schenking? Schenking bij dode? Uitleg overeenkomst. Aanspraak op andere kosten? - ECLI:NL:GHDHA:2023:1535 — 08-08-2023 Hof Den Haag
Leerstuk van de samengestelde gemeenschappen. Een bijzondere gemeenschap kan naar het oordeel van het hof geruisloos overgaan naar een eenvoudige gemeenschap. Dit kan onder meer het geval zijn wanneer voormalige echtgenoten – die in de wettelijke gemeenschap van goederen waren… - ECLI:NL:OGEABES:2025:57 — 29-10-2025 Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Si
Echtscheiding met nevenvoorzieningen.
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.