Art. 6:161 Burgerlijk Wetboek Boek 6
Lid 1
Een verbintenis gaat teniet door vermenging, wanneer door overgang van de vordering of de schuld de hoedanigheid van schuldeiser en die van schuldenaar zich in één persoon verenigen.
Lid 2
Het vorige lid is niet van toepassing:
zolang de vordering en de schuld in van elkaar gescheiden vermogens vallen;
in geval van overdracht overeenkomstig artikel 93 van Boek 3 van een vordering aan toonder of order;
indien de voormelde vereniging van hoedanigheden het gevolg is van een rechtshandeling onder ontbindende voorwaarde, zolang niet vaststaat dat de voorwaarde niet meer in vervulling kan gaan.
Lid 3
Tenietgaan van een verbintenis door vermenging laat de op de vordering rustende rechten van derden onverlet.