Art. 6:51 Burgerlijk Wetboek Boek 6
Lid 1
Wanneer uit de wet voortvloeit dat iemand verplicht is tot het stellen van zekerheid of dat het stellen van zekerheid voorwaarde is voor het intreden van enig rechtsgevolg, heeft hij die daartoe overgaat, de keuze tussen persoonlijke en zakelijke zekerheid.
Lid 2
De aangeboden zekerheid moet zodanig zijn, dat de vordering en, zo daartoe gronden zijn, de daarop vallende rente en kosten behoorlijk gedekt zijn en dat de schuldeiser daarop zonder moeite verhaal zal kunnen nemen.
Lid 3
Is de gestelde zekerheid door een niet aan de schuldeiser toe te rekenen oorzaak onvoldoende geworden, dan is de schuldenaar verplicht haar aan te vullen of te vervangen.
Recente uitspraken
Art. 6:51 BW is sinds 2003 in 150 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Rotterdam, Rb. Den Haag en Hof Amsterdam.
- ECLI:NL:HR:2026:230 — 13-02-2026 Hoge Raad
Procesrecht. Incidentele vordering in cassatie tot stellen van zekerheid voor proceskosten in cassatie (art. 224 Rv in verbinding met art. 414 Rv). Zekerheidstelling door storting op derdenrekening van advocatenkantoor (art. 6:51 lid 2 BW)? - ECLI:NL:HR:2022:1740 — 25-11-2022 Hoge Raad
Procesrecht. Zekerheidstelling voor proceskosten (art. 224 Rv). Vrijstelling van verplichting tot zekerheidstelling in Vriendschapsverdrag Colombia-Nederland? Verplichting van rechter om te onderzoeken of aangeboden wijzen van zekerheidstelling aanvaardbaar zijn (art. 6:51 BW)… - ECLI:NL:HR:2022:1181 — 09-09-2022 Hoge Raad
Procesrecht. Art. 224 Rv. Zekerheidstelling voor proceskosten door depotstorting op notariële kwaliteitsrekening. Eiser niet-ontvankelijk? - ECLI:NL:HR:2021:1804 — 03-12-2021 Hoge Raad
Verbintenissenrecht. Art. 7:768 BW; notarieel depot; 5%-regeling. Kan bankgarantie gezien de voorwaarden voor het inroepen ervan worden aangemerkt als vervangende zekerheid als bedoeld in art. 7:768 lid 3 BW? Wet kwaliteitsborging voor het bouwen. - ECLI:NL:HR:2021:1803 — 03-12-2021 Hoge Raad
Verbintenissenrecht. Onrechtmatige daad. Bankgarantie op de voet van art. 7:768 lid 3 BW. Is een bank die een bankgarantie afgeeft gehouden acht te slaan op de onderliggende rechtsverhouding tussen opdrachtgever en begunstigde?
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.