Art. 6:146 Burgerlijk Wetboek Boek 6
Lid 1
Na een overdracht overeenkomstig artikel 93 van Boek 3 van een vordering aan toonder of aan order kan de schuldenaar een verweermiddel, gegrond op zijn verhouding tot een vorige schuldeiser, niet tegenwerpen aan de verkrijger en diens rechtsopvolgers, tenzij op het tijdstip van de overdracht het verweermiddel bekend was aan de verkrijger of voor hem kenbaar was uit het papier.
Lid 2
Een beroep op onbekwaamheid of onbevoegdheid kan ook jegens een daarmee niet bekende verkrijger worden gedaan, indien zij ten tijde van zijn verkrijging kenbaar was uit een in een openbaar register opgenomen inschrijving, bij of krachtens de wet voorgeschreven teneinde kennisneming mogelijk te maken van de feiten waarop de onbevoegdheid of onbekwaamheid berust.
Recente uitspraken
Art. 6:146 BW is sinds 2002 in 4 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hoge Raad, Hof Amsterdam en Rb. Zeeland-West-Brabant.
- ECLI:NL:HR:2011:BO7111 — 11-02-2011 Hoge Raad
Wisselrecht. Na-endossement na protest van non-betaling. Verweren uit onderliggende rechtsverhouding inroepbaar jegens geëndosseerde? Beroep avalist op art. 119 K. jo. art. 6:145 BW en art. 6:146 BW terecht door hof verworpen. Omdat wissels door protest van non-betaling hun… - ECLI:NL:HR:2002:AE1683 — 19-04-2002 Hoge Raad
- - ECLI:NL:GHAMS:2012:BV7398 — 10-01-2012 Hof Amsterdam
Bankbrieven. Eerste en latere verkrijgers van ontvreemde bankbrieven niet te goeder trouw in de zin van art. 3:86 BW. - ECLI:NL:RBZWB:2020:4904 — 07-10-2020 Rb. Zeeland-West-Brabant
“Toonderaandelen aangetroffen in watertoren. Verzoek tot conversie in aandelen op naam. Bezitsverkrijging te goeder trouw? Beroep op artikel 6:147 BW?”
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.