Art. 6:154 Burgerlijk Wetboek Boek 6
De schuldeiser is jegens degene die, zo hij de vordering voldoet, zal worden gesubrogeerd, verplicht zich te onthouden van elke gedraging die ten koste van deze afbreuk doet aan de rechten waarin hij mag verwachten krachtens de subrogatie te zullen treden.
Recente uitspraken
Art. 6:154 BW is sinds 2006 in 30 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Rotterdam, Rb. Amsterdam en Hof 's-Hertogenbosch.
- ECLI:NL:HR:2018:915 — 15-06-2018 Hoge Raad
Borgtocht (art. 7:850 BW). Vraag of borgtochtovereenkomst op grond van art. 6:265 BW ontbonden kan worden. Wederkerige overeenkomst (art. 6:261 lid 1 BW)? Rechtsbetrekking die strekt tot wederzijds verrichten van prestaties (art. 6:261 lid 2 BW)? Schending… - ECLI:NL:GHAMS:2025:148 — 28-01-2025 Hof Amsterdam
Klacht tegen notaris. Veilingopdracht. Executieveiling. Marginale toetsing. Onderzoeksplicht. Novitaris-maatstaf. Ministerplicht. Dienstweigering. Klacht ongegrond. - ECLI:NL:GHAMS:2019:4309 — 03-12-2019 Hof Amsterdam
Uitleg overeenkomst van borgtocht. - ECLI:NL:GHARL:2017:2667 — 28-03-2017 Hof Arnhem-Leeuwarden
Hoofdelijke aansprakelijkheid of borgtocht? Schending art. 6:154 BW vanwege niet registreren pandakte. - ECLI:NL:GHARL:2013:8145 — 29-10-2013 Hof Arnhem-Leeuwarden
Bank handelt onzorgvuldig jegens borg door mede-borg uit de hoofdelijkheid te ontslaan. Schadevergoeding bestaat in beperking van het bedrag waarvoor bank de benadeelde borg kan aanspreken.
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.