Artikel 83b Vreemdelingenwet 2000
Lid 1
De rechtbank doet binnen vier weken na het instellen van het beroep uitspraak, indien:
de aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel als bedoeld in artikel 28:
niet in behandeling is genomen op grond van artikel 30;
niet-ontvankelijk is verklaard op grond van artikel 30a;
is afgewezen als kennelijk ongegrond op grond van artikel 30b;
buiten behandeling is gesteld op grond van artikel 30c; of
het beroep zich richt tegen een overdrachtsbesluit als bedoeld in artikel 62b.
Lid 2
In afwijking van het eerste lid, doet de rechtbank uitspraak binnen twaalf weken, dan wel zestien weken indien artikel 67, elfde lid van de Asiel- en migratiebeheerverordening van toepassing is, gerekend vanaf de datum van registratie van de aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel als bedoeld in artikel 28, indien de aanvraag is behandeld in de asielgrensprocedure. Deze termijn kan niet worden verlengd.
Lid 3
In afwijking van het eerste lid, doet de rechtbank uitspraak binnen drieëntwintig weken na het instellen van het beroep, indien:
de aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel als bedoeld in artikel 28 is ingewilligd op grond van artikel 29a;
de aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel als bedoeld in artikel 28 is afgewezen als ongegrond op grond van artikel 31; of
de verblijfsvergunning asiel als bedoeld in artikel 28 is ingetrokken op grond van artikel 32.
Lid 4
In de gevallen, bedoeld in het eerste en derde lid, is artikel 8:52, tweede en derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht van overeenkomstige toepassing.