Artikel 63 Vreemdelingenwet 2000

Lid 1

Onverminderd artikel 61, tweede lid, kan de vreemdeling die geen rechtmatig verblijf heeft en die niet binnen de bij deze wet gestelde termijn Nederland uit eigen beweging heeft verlaten, worden uitgezet.

Lid 2

Onze Minister is bevoegd tot uitzetting.

Lid 3

Indien de werking van de beschikking waarbij de aanvraag is afgewezen of de verblijfsvergunning is ingetrokken is opgeschort, kan van de vreemdeling medewerking worden gevorderd aan de voorbereiding van de uitzetting.

Dit artikel verwijst naar:

Recente uitspraken

Art. 63 Vw2000 is sinds 2001 in 9 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. 's-Gravenhage, Hof 's-Hertogenbosch en Rb. Den Haag.

  • ECLI:NL:RVS:2022:1530 — 08-06-2022 Raad van State
    Bij besluit van 23 maart 2018 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen, geweigerd hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen en hem…
  • ECLI:NL:GHSHE:2007:BA2915 — 12-03-2007 Hof 's-Hertogenbosch
    1. Verhouding tussen niet naleven van verplichtingen uit de Vreemdelingenwet 2000 en het opzettelijk niet voldoen aan een bevel of vordering (artikel 184 WvSr). Noch de wetsgeschiedenis van artikel 108 van de huidige Vreemdelingenwet 2000, noch de wetsgeschiedenis van artikel 44…
  • ECLI:NL:RBDHA:2016:4241 — 11-04-2016 Rb. Den Haag
    Voorlopige voorziening, presentatie aan Armeense autoriteiten Artikel 61, tweede lid, van de Vreemdelingenwet 2000 artikel 63, derde lid, van de Vreemdelingenwet 2000 paragraaf A3/4.3 van de Vreemdelingencirculaire 2000 artikel 4:84 van de Algemene wet bestuursrecht…
  • ECLI:NL:RBSGR:2010:BO4134 — 11-10-2010 Rb. 's-Gravenhage
    Niet in geschil is dat verzoeker geen rechtmatig verblijf heeft. Nu hij sinds 2004 in Nederland verblijft, is er ook geen sprake van verblijf in de vrije termijn. Verweerder is dan ook bevoegd tot uitzetting van verzoeker. Hetgeen verzoeker heeft aangevoerd, kan daaraan niet…
  • ECLI:NL:RBSGR:2004:AS2625 — 01-10-2004 Rb. 's-Gravenhage
    Beëindigen uitstel van vertrek. Het intrekken van het uitstel van vertrek ten aanzien van eiser is een besluit in de zin van artikel 1:3, eerste lid, Awb. De beslissing van verweerder houdt in het beëindigen van het opschorten van het gebruik van de bevoegdheid de vreemdeling…

Bekijk alle 9 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.