Artikel 68 Vreemdelingenwet 2000

5 uitspraken verwijzen naar dit artikel ›

Lid 1

Onze Minister kan op aanvraag van de vreemdeling besluiten tot opheffing van de ongewenstverklaring.

Lid 2

De ongewenstverklaring wordt opgeheven indien de vreemdeling tien jaren onafgebroken buiten Nederland verblijf heeft gehad en zich in die periode geen van de gronden, bedoeld in artikel 67, eerste lid, hebben voorgedaan.

Lid 3

Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld omtrent de toepassing van deze afdeling.

Dit artikel verwijst naar:

Recente uitspraken

Art. 68 Vw2000 is sinds 2003 in 5 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. 's-Gravenhage, Hof 's-Hertogenbosch en Hoge Raad.

  • ECLI:NL:HR:2009:BH5418 — 10-03-2009 Hoge Raad
    Herziening. Aanvrager is verschillende keren veroordeeld wegens het als vreemdeling verblijven in NL terwijl hij wist dat hij tot ongewenst vreemdeling was verklaard. De bij de aanvraag overgelegde beschikking van de Staatssecretaris van Justitie die inhoudt dat de…
  • ECLI:NL:GHSHE:2010:BL3037 — 02-02-2010 Hof 's-Hertogenbosch
    art. 197 Sr. Beslissing tot ongewenstverklaring. Delictsomschrijving bevat het bestanddeel 'op grond van een wettelijk voorschrift'. Vormt de documentatie van verdachte ten tijde van de gegeven beschikking tot ongewenstverklaring voldoende grond om aan te nemen dat haar…
  • ECLI:NL:RBSGR:2012:BY4983 — 04-10-2012 Rb. 's-Gravenhage
    In artikel 8:22, vierde lid, van het Vb is bepaald dat een aanvraag tot opheffing van de ongewenstverklaring slechts kan worden gedaan nadat, sinds de verwijdering om redenen van openbare orde of openbare veiligheid een redelijke termijn is verstreken of indien die verwijdering…
  • ECLI:NL:RBSGR:2011:BP7856 — 03-03-2011 Rb. 's-Gravenhage
    Naar uit het advies van het BMA van 23 november 2009 blijkt, is de vraagstelling er op gericht om te beoordelen of verwijdering van eiser schending van artikel 3 van het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM) tot gevolg heeft. De…
  • ECLI:NL:RBSGR:2003:AF8321 — 05-03-2003 Rb. 's-Gravenhage
    Ongewenstverklaring / strafrechtelijke veroordeling / artikel 8 EVRM. De toelating als vluchteling is ingetrokken en eiser is ongewenst verklaard. Naar het oordeel van de rechtbank is er geen grond voor het oordeel dat verweerder in redelijkheid geen gebruik had mogen maken van…

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.