Artikel 50 Vreemdelingenwet 2000
Lid 1
De ambtenaren belast met de grensbewaking en de ambtenaren belast met het toezicht op vreemdelingen, zijn bevoegd, hetzij op grond van feiten en omstandigheden die, naar objectieve maatstaven gemeten, een redelijk vermoeden van illegaal verblijf opleveren hetzij ter bestrijding van illegaal verblijf na grensoverschrijding, personen staande te houden ter vaststelling van hun identiteit, nationaliteit en verblijfsrechtelijke positie. Degene die stelt Nederlander te zijn, maar dat niet kan aantonen, kan worden onderworpen aan de dwangmiddelen als bedoeld in het tweede en vijfde lid. Bij algemene maatregel van bestuur worden de documenten aangewezen waarover een vreemdeling moet beschikken ter vaststelling van zijn identiteit, nationaliteit en verblijfsrechtelijke positie.
Lid 2
Een persoon mag worden overgebracht naar een plaats bestemd voor verhoor of een andere plaats bestemd voor screening en vervolgens aldaar worden opgehouden, indien:
de identiteit van een persoon niet onmiddellijk kan worden vastgesteld; of
de identiteit onmiddellijk kan worden vastgesteld en blijkt dat de persoon geen rechtmatig verblijf heeft, dan wel rechtmatig verblijf niet onmiddellijk blijkt; of
indien dit noodzakelijk is voor de toepassing van artikel 7 van de Screeningsverordening.
Lid 3
De ophouding, bedoeld in het tweede lid, onder a en b, duurt ten hoogste negen uur en is gericht op identiteitsvaststelling, het bepalen van de verblijfsrechtelijke status van betrokkene en de afweging om al dan niet vreemdelingenbewaring als bedoeld in artikel 59 toe te passen. De tijd tussen middennacht en negen uur voormiddags wordt hierbij niet meegerekend.
Lid 4
Indien nog grond bestaat voor het vermoeden dat de opgehouden persoon geen rechtmatig verblijf heeft, danwel de afweging om al dan niet vreemdelingenbewaring als bedoeld in artikel 59 toe te passen nog niet is afgerond, kan de in het derde lid bedoelde termijn door de Commandant der Koninklijke marechaussee respectievelijk de korpschef in het belang van het onderzoek met ten hoogste achtenveertig uur worden verlengd.
Lid 5
De ophouding, bedoeld in het tweede lid, onder c, duurt overeenkomstig artikel 8, vierde lid, van de Screeningsverordening, niet langer dan 72 uur.
Lid 6
De in het eerste lid bedoelde ambtenaren zijn bevoegd de opgehouden persoon aan diens kleding of lichaam te onderzoeken, alsmede zaken van deze persoon te doorzoeken.
Lid 7
De in het eerste lid bedoelde ambtenaren hebben de bevoegdheden, bedoeld in het zesde lid, eveneens ten aanzien van een in vreemdelingenbewaring gestelde vreemdeling, voor zover dit noodzakelijk is voor het verkrijgen van informatie omtrent de identiteit, de nationaliteit en de verblijfsrechtelijke positie van de desbetreffende vreemdeling.
Lid 8
Bij algemene maatregel van bestuur worden nadere regelen gegeven omtrent de toepassing van de voorgaande leden van dit artikel.
Dit artikel verwijst naar:
Wordt genoemd in:
Recente uitspraken
Art. 50 Vw2000 is sinds 2001 in 53 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. 's-Gravenhage, Hof 's-Hertogenbosch en Rb. Den Haag.
- ECLI:NL:HR:2019:1698 — 26-11-2019 Hoge Raad
Misbruik van identificerende persoonsgegevens door i.h.k.v. mobiele toezichtcontrole Duitse verblijfsvergunning die op naam van ander is gesteld te overhandigen, art. 231b Sr. Welke uitleg dient te worden gegeven aan bestanddeel “enig nadeel” a.b.i. art. 231b Sr? Art. 231b Sr… - ECLI:NL:HR:2019:126 — 29-01-2019 Hoge Raad
Beklag, beslag op mobiele telefoon en geldbedrag klager bij insluitingsfouillering n.a.v. staande houding en overbrenging naar politiebureau o.g.v. art. 50 Vreemdelingenwet 2000. Ontvankelijkheid cassatieberoep, nu geen sprake is van strafvorderlijk beslag? Oordeel Rb dat geen… - ECLI:NL:HR:2014:3488 — 02-12-2014 Hoge Raad
Mensensmokkel, art. 197a Sr. 1. Oordeel Hof dat onrechtmatige staandehouding i.h.k.v. Mobiel Toezicht Vreemdelingen (MTV) geen vormverzuim oplevert a.b.i. art. 359a Sv getuigt niet van een onjuiste rechtsopvatting en behoefde i.c. geen nadere motivering. 2. Dat de gesmokkelde… - ECLI:NL:HR:2012:BW9199 — 26-06-2012 Hoge Raad
OM-cassatie. Onrechtmatige staandehouding i.h.k.v. Mobiel Toezicht Vreemdelingen (MTV) een vormverzuim a.b.i. art. 359a Sv? De klacht dat het Hof ten onrechte is uitgegaan van het oordeel van de ABRvS, faalt op de gronden vermeld in de conclusie van de AG onder 7.1.2. Uit… - ECLI:NL:HR:2012:BV1642 — 26-06-2012 Hoge Raad
Cassatie OM en verdachte. 1. Verweer strekkende tot niet-ontvankelijkverklaring OM in vervolging. Non-punishment beginsel/vervolgingsbeletsel slachtoffer van mensenhandel. 2. Onrechtmatige staandehouding i.h.k.v. Mobiel Toezicht Vreemdelingen (MTV) een vormverzuim als bedoeld in…
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.