Artikelen 46, 47

Artikel 46

Lid 1

Met het toezicht op de naleving en de uitvoering van de Schengengrenscode en de wettelijke voorschriften met betrekking tot de grensbewaking zijn belast:

  1. de ambtenaren van de Koninklijke marechaussee;

  2. de ambtenaren die zijn tewerkgesteld bij de regionale eenheid in het gebied waarin de haven van Rotterdam is gelegen;

  3. de directeur van een grenslogies als bedoeld in artikel 3 van het Reglement regime grenslogies;

  4. de bij besluit van Onze Minister, in overeenstemming met Onze Ministers van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en van Defensie, aangewezen ambtenaren van politie als bedoeld in artikel 2, onder a, c en d, van de Politiewet 2012 die zijn aangesteld voor de uitvoering van de politietaak.

Lid 2

Bij algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld omtrent:

  1. de in het belang van de grensbewaking te treffen voorzieningen;

  2. de verplichtingen waaraan personen zijn onderworpen met het oog op de controle in het belang van de grensbewaking.

Lid 3

De bij of krachtens het eerste lid aangewezen ambtenaren belast met de grensbewaking zijn de in artikel 2, onder 14, van de Schengengrenscode bedoelde grenswachters.

Artikel 47

Lid 1

Met het toezicht op de naleving van de wettelijke voorschriften met betrekking tot vreemdelingen zijn belast:

  1. de ambtenaren van politie, bedoeld in artikel 2, onder a, c en d, van de Politiewet 2012, die zijn aangesteld voor de uitvoering van de politietaak;

  2. de ambtenaren van de Koninklijke marechaussee;

  3. de bij besluit van Onze Minister aangewezen ambtenaren.

Lid 2

De ambtenaren van politie, bedoeld in artikel 2, onder a, c en d, van de Politiewet 2012, die zijn aangesteld voor de uitvoering van de politietaak oefenen het toezicht op vreemdelingen uit onder leiding van de korpschef.

Lid 3

De ambtenaren van de Koninklijke marechaussee oefenen het toezicht op vreemdelingen uit onder leiding van de Commandant der Koninklijke marechaussee.