Art. 7:255 Burgerlijk Wetboek Boek 7

Lid 1

De huurprijs van woonruimte waarin of waaraan gedurende de huurtijd door of vanwege de verhuurder:

  1. voorzieningen zijn aangebracht die verband houden met een maatregel die gericht is op het opheffen of verminderen van beperkingen die een gehandicapte, bij het normale gebruik van zijn woonruimte ondervindt, in de kosten waarvan ingevolge enige wettelijke regeling een financiële tegemoetkoming is verleend, of

  2. veranderingen of toevoegingen, waaronder niet wordt verstaan het verhelpen van gebreken als bedoeld in artikel 204, zijn aangebracht, waardoor het woongerief geacht kan worden te zijn gestegen en die niet ingrepen zijn als bedoeld onder a,

is de huurprijs, vermeerderd met een bedrag dat in redelijke verhouding staat tot de door de verhuurder gemaakte kosten van deze ingrepen, veranderingen of toevoegingen met dien verstande dat de nieuwe huurprijs niet hoger mag zijn dan die welke bij toepassing van de regels bedoeld in artikel 10 lid 1 van de Uitvoeringswet huurprijzen woonruimte als redelijk is aan te merken.

Lid 2

Indien partijen geen overeenstemming hebben kunnen bereiken over het bedrag van de verhoging, kan ieder van hen binnen drie maanden na de totstandkoming van de ingrepen, veranderingen of toevoegingen de huurcommissie verzoeken daarover een uitspraak te doen.

Lid 3

Onder gehandicapte in het eerste lid wordt verstaan een persoon die ten gevolge van ziekte of gebrek aantoonbare beperkingen ondervindt.

Recente uitspraken

Art. 7:255 BW is sinds 1985 in 30 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hoge Raad, Rb. Noord-Holland en Hof Amsterdam.

  • ECLI:NL:HR:2024:53 — 19-01-2024 Hoge Raad
    Prejudiciële vragen. Huurrecht. Kan huurder of verhuurder zich na uitspraak van voorzitter huurcommissie op grond van artikel 7:262 BW rechtstreeks tot kantonrechter wenden zonder eerst in verzet te gaan bij huurcommissie? Zo ja, binnen welke termijn?
  • ECLI:NL:HR:2023:1005 — 30-06-2023 Hoge Raad
    Huurrecht. Prejudiciele vragen. Toetsing aanvangshuurprijs. Art. 7:249 BW. Is voor waardering van energieprestatie van woning nodig dat bij ingang van huurovereenkomst een energie-index was vastgesteld of energielabel was afgegeven?
  • ECLI:NL:HR:2021:657 — 23-04-2021 Hoge Raad
    Prejudiciële zaak (art. 392 Rv). Huurrecht. Procedure op de voet van art. 7:262 BW tegen uitspraak huurcommissie. Moet gedaagde in een dergelijke procedure die zijnerzijds - evenals de eiser - een beslissing van de kantonrechter wenst over een punt waarover de huurcommissie om…
  • ECLI:NL:HR:2010:BL0683 — 26-03-2010 Hoge Raad
    Huurrecht. Vordering tot beëindiging van huur op de voet van art. 7:272 lid 2 BW. Voorgenomen uitvoering bouw- en renovatieplan grond voor dringend eigen gebruik ex 7:264 lid 1 onder c BW? Structurele wanverhouding tussen exploitatiekosten en huuropbrengsten kan oordeel…
  • ECLI:NL:HR:1985:AG4930 — 04-01-1985 Hoge Raad
    Huurrecht woonruimte. Weigering aanbod nieuwe huurovereenkomst met hogere huurprijs vanwege vervanging blokverwarming door hr-ketels. Art. 7A:1623 e lid 1 onder 4 e (thans art. 7:274 lid 1 onder d) bij niet-geliberaliseerde woonruimte niet van toepassing in geval van voorstellen…

Bekijk alle 30 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.