Art. 7:258 Burgerlijk Wetboek Boek 7

Lid 1

Indien de huurovereenkomst meer omvat dan het enkele gebruik van de woonruimte en bij die overeenkomst slechts de hoogte van de prijs en niet die van de huurprijs is vastgesteld, kan de huurder aan de verhuurder een voorstel doen tot vaststelling van de huurprijs en het voorschot van de kosten voor nutsvoorzieningen met een individuele meter en de servicekosten.

Lid 2

Een voorstel als bedoeld in lid 1 moet ten minste twee maanden voor de voorgestelde dag van ingang van de huurprijs en het voorschot van de kosten voor nutsvoorzieningen met een individuele meter en de servicekosten schriftelijk worden gedaan en dient te vermelden:

  1. de geldende prijs;

  2. de voorgestelde huurprijs;

  3. het voorgestelde voorschot van kosten voor de nutsvoorzieningen met een individuele meter en de servicekosten, en

  4. de voorgestelde dag van ingang van de huurprijs en het voorschot van de kosten voor nutsvoorzieningen met een individuele meter en de servicekosten.

Lid 3

Indien de verhuurder niet instemt met een voorstel als bedoeld in lid 1, kan de huurder tot uiterlijk zes weken na het tijdstip waarop dit voorstel had moeten ingaan, de huurcommissie verzoeken uitspraak te doen over de redelijkheid van het voorstel. De huurcommissie stelt de huurprijs vast en, voor zover nodig, het voorschot van de kosten voor nutsvoorzieningen met een individuele meter en de servicekosten.

Lid 4

Indien een overeenkomst tot vaststelling van de huurprijs tot stand komt naar aanleiding van een voorstel daartoe, dat niet voldoet aan lid 1 en lid 2, aanhef en onder b, c of d, blijft de voordien geldende prijs verschuldigd, tenzij blijkt dat de verhuurder niet door het verzuim is benadeeld.

Recente uitspraken

Art. 7:258 BW is sinds 2011 in 59 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Amsterdam, Rb. Rotterdam en Rb. Midden-Nederland.

  • ECLI:NL:GHDHA:2021:2377 — 30-11-2021 Hof Den Haag
    begroting van schade die is geleden door achteraf onterecht gebleken overname van twee panden met huurwoningen; gemiste huurinkomsten; procedure kosten.
  • ECLI:NL:GHAMS:2020:1362 — 12-05-2020 Hof Amsterdam
    Huur woonruimte. Huurovereenkomst op 1 maart 1990 aangegaan. All-in prijs f 3.000,- (€ 1.361,-) per maand. Na verzoek huurder ex artikel 11a Huurprijzenwet (oud) en uitspraak huurcommissie heeft de kantonrechter in een daarop volgende beschikking de huurprijs in 2003 vastgesteld…
  • ECLI:NL:GHDHA:2020:1747 — 07-04-2020 Hof Den Haag
    Huurrecht. Vraag of sprake is van geliberaliseerde woonuimte. Het hof beantwoordt deze vraag ontkennend.
  • ECLI:NL:GHAMS:2019:4211 — 26-11-2019 Hof Amsterdam
    Hoger beroep tegen een uitspraak van de kantonrechter over de uitsplitsing all-inhuur in kale huur en servicekosten op grond van artikel 7:258 BW? Geen doorbreking van appelverbod omdat bij all-inhuur terecht artikel 7:258 BW is toegepast.
  • ECLI:NL:GHDHA:2016:1951 — 05-07-2016 Hof Den Haag
    Sociale huurstelsel; strijd met art. 1 Eerste Protocol EVRM?

Bekijk alle 59 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.